2013

twee werelden

IMG_4422
Eens zullen er twee werelden zijn
. Een uitspraak van mijn vader 30 jaar geleden. Hij had veel SF-boeken in de kast staan, die ik begon te lezen toen ik op de middelbare school zat. Jack Vance (Durdane) en Frank Herbert (Duin) schiepen werelden die voor mij een mooi tegenwicht boden tegen het sterk op aanpassing gerichte leven in Zeeuws-Vlaanderen. Halverwege de jaren 80 zond de VPRO in de zomer een maand lang op zondagavond een aantal SF-films uit, waaronder Soilent Green, Invasion of the body Snatchers, maar ook THX 1138. Vooral deze laatste maakte grote indruk op me. Het is de eerste film van George Lucas, de regisseur die ook de Star War films maakte.

THX 1138 is de hoofdrolspeler in een futuristische wereld onder de grond waar gevoelens zijn uitgebannen en mensen met pillen onder controle worden gehouden. Als THX wel gevoelens gaat koesteren voor de vrouw waarmee hij samenwoont en hier ook uiting aan geeft, wordt hij opgepakt en in een heropvoedingskamp gestopt. Het einde is prachtig. De man ontsnapt in een snelle auto, achterna gezeten door 3 agenten op motor. Vanuit het controlecentrum wordt voortdurend bijgehouden hoeveel geld het kost om hem terug te halen. Als het budget van zijn achtervolging wordt overschreden,  stoppen de agenten de achtervolging en is THX vrij. Het laatste beeld is dat hij uit een tunnel boven de grond komt, verwelkomt door een grote, oranje zon!

Nu is het 2013 en na de berichten over het op grote schaal mensen afluisteren en drones die op afstand worden bestuurd en mensen, terroristen, uitschaken, zou je kunnen denken dat er inderdaad twee werelden aan het ontstaan zijn. Aan de ene kant is er de wereld van de beheersing en de controle. Bijna iedereen in het Westen, maar ook andere delen van de wereld, zit op facebook en via dit kanaal is ieder individu makkelijk te traceren. Pas was ik bijvoorbeeld aan het chatten met iemand via facebook en ik kon gewoon haar fietstocht waarnemen van en naar het hockey-veld. Ik schreef haar nog; wat doe je daar in Driewegen (een gehucht vlakbij Terneuzen) en ze schreef dat ze op weg was naar de hockey. Voeg daarbij de berichten over de afluisterpraktijken van de geheime dienst van de VS en het gebruik van drones door diezelfde Amerikanen en er zou zo het beeld kunnen ontstaan dat ieder op welk willekeurig moment kan worden getraceerd en indien nodig kan worden uitgeschakeld. Dat is de ene, best beangstigende wereld.

De andere wereld ontmoette ik een aantal weken geleden door een presentatie van een groep HBO-studenten lifestyle studies. Ze waren op bezoek geweest bij Pluk&Plenty en deden een onderzoek naar trends bij jongeren die aansloten bij de visie en waarden van Pluk&Plenty. En eigenlijk had iedere presentatie dezelfde boodschap. Jongeren tussen de 20 en 30, althans in ieder geval een deel van hen, hechten veel minder waarde aan de uitgangspunten van ons huidige, kapitalistische systeem. Zij willen echt iets anders, ze zoeken authenticiteit, passie en hechten minder waarden aan ‘hebben’, maar willen delen. Dat gaf mij een heel hoopvol gevoel.

Het is maar net hoe je naar de werkelijkheid kijkt.

In de wereld van de beheersing en de controle worden producten op een misleidende manier verkocht. De melk in de supermarkt heeft een mooi plaatje van een boerderij met loslopende koeien, terwijl in werkelijkheid de koe die deze melk heeft geproduceerd geen buitenlucht meer ziet en automatisch wordt gemolken en met haar duizend ander koeien in de stal. Er is dus een groot verschil tussen het plaatje en de werkelijkheid. Het is de leugen die wordt verkocht en door miljoenen mensen als zoete koek wordt aangenomen. Kijk maar eens naar de documentaire Food inc. Becel blijft maar hun product verkopen met het beeld dat het gezond is, maar in werkelijkheid is al het leven uit het product verdwenen (Neu!). Zo is dat ook voor het meeste brood dat in de supermarkt wordt verkocht. Het zijn industriele producten die nog maar heel weinig met de natuur te maken hebben, maar ze worden verkocht als beter dan de oorspronkelijke, natuurlijke producten. En heel veel mensen geloven dat.

Over supermarkt gesproken, gisteren was ik  bij de AH in Goirle (ook ik ontkom daar af en toe niet aan). Ik rekende af bij de kassa en het meisje vroeg; spaart u ook mee voor zegeltjes bij Van Beurden? Uuuuh, Van Beurden? Ja, je kunt dan gratis naar de zonnebank en je krijgt korting op andere producten. Nu blijkt Van Beurden een schoonheidssalon te zijn naast de AH. Ik zei dat ik helemaal niet naar de zonnebank wilde, omdat dat volgens mij niet echt goed is voor je gezondheid. Nou, zei de cassiere, zonnebank is gezonder dan de echte zon! Oja, zei ik verbaasd, nou, dat ga ik zo eens opzoeken, ik laat het je nog weten. Het artikel dat ik even later las op internet sprak boekdelen; zonnebank wordt door gezondheidsdeskundigen net zo slecht beoordeeld als bv. roken, in ieder geval net zo kankerverwekkend.

Met andere woorden: er is dus een wereld die het leven, dat wat leeft, als vijand ziet en dat wat de mens maakt in de fabriek als superieur beschouwt. Er lijkt een kunstmatige wereld te ontstaan waarbij al het levende en alle levende principes – dat bv. ziekte en pijn onderdeel zijn van menselijke groei – uitsluiten. Leven is lastig, is niet te beheersen en dient dus buitengesloten te worden. Er komt een grieppil die alle vormen van griep buiten de deur houdt. Voor elke vorm van psychisch leed is een DSM V diagnose met een bijbehorende pil. Ieder ziet er in deze wereld aan de hand van plastisch chirurgie hetzelfde uit naar een ideaal beeld dat wordt geschapen. Men spreekt dezelfde zichzelf overtuigende one-liners, zoals dit vaak op feestjes gebeurd. Men is niet zichzelf, men speelt een rol. Men is het contact met de eigen natuur, met de eigen essentie kwijt. In feite schep je een mens als robot, als mechanisch instrument, dat je naar believen kunt laten functioneren. Elke vorm van kwaad of wat het systeem ziet als kwaad, wordt buitengesloten. Uit het systeem verbannen. En dit lijkt zich te verdichten, te verharden, alsof het contrast groter wordt. Het is alsof je twee verschillende talen spreekt, alsof je echt uit twee werelden komt. De wereld van het hoofd, de beheersing, de ongelijkwaardigheid en de wereld van het hart, de liefde, de verbinding, de gelijkwaardigheid.

Aan de andere kant is er namelijk een groep van mensen die juist weer contact maakt met het leven en de wetmatigheden die het leven heeft. Men maakt op een bewuste manier verbinding met de natuur, met de aarde, maar ook met het geestelijk deel dat onderdeel is van het leven. Men ontdekt de eigen natuur en vindt in zichzelf de basis om te leven, men heeft minder materie nodig, minder opvulling van buitenaf. Het is een eenvoudig, maar krachtig leven, waarbij men allerlei menselijke kwaliteiten en vaardigheden op spiritueel gebied ontdekt. Deze mensen hebben ontdekt wat de zin en betekenis is van hun leven op aarde. Deze groep zal zich gaan afwenden van de andere groep van beheersing en controle, men zal een zelfvoorzienendheid gaan ontwikkelen, waardoor men niet meer afhankelijk is van het systeem. Het is de mens zoals die beschreven wordt bv. in de boeken van Vladimir Megre over Anastasia. Maar ook in het toekomstbeeld van Rob Hopkins, de initiatiefnemer van de Transition Town beweging. Het zijn beelden, vergezichten.

Er is een groep die het leven en het levende principe uitsluit en een groep die dit omarmt. Het zijn echt twee werelden. In mijn fantasie zag ik dat een volgende stap zo maar eens zou kunnen zijn dat deze steriele, kunstmatige wereld zich in de toekomst zal gaan afzonderen, met een groot hek, een schild er omheen. Hierbinnen zal het klimaat kunstmatig op peil worden gehouden etc. etc.. Hoe moet dat dan verder, dacht ik, moet ik nu gaan strijden om te voorkomen dat er zo’n wereld gaat ontstaan? Ik kreeg als antwoord het volgende beeld. Deze dualiteit zal vanzelf oplossen. De groep die het leven uitsluit en daar een hek, een schild, omheen zet, die zal nog een tijdje in de leugen kunnen geloven. De levende werkelijkheid die zij zelf hebben uitgebannen, zal er namelijk voor zorgen dat hun wereld vanzelf opdroogt, uitput. Het zal zijn als een rotte vrucht, die vanzelf opdroogt, uitholt, verschrompelt. Of als een huis waar geen leven, geen bewoners meer heeft, dat vervalt vanzelf. Misschien dat zij de middelen zullen ontwikkelen om de aarde te verlaten, als laatste redmiddel, je weet het niet. De andere groep zal tegelijkertijd in verbinding met diezelfde aarde een eenvoudig, maar bewust leven leiden. Zal in verbinding met die aarde transformeren, de aarde transformeren totdat er van binnenuit een licht, een eenheid, een liefde zal geboren worden die de aarde tot zon transformeert.

Het is maar een toekomstbeeld dat de afgelopen tijd in me opkwam, maar waarvan de kiem aanwezig is in onze huidige werkelijkheid. Misschien hoeft het zover niet te komen dat deze twee werelden zich echt af zullen gaan scheiden. Nu is er gelukkig nog een mix van deze twee werelden. Bovendien is het zo dat het systeem ook in mij zit. Deze twee werelden zitten ook in mij en zijn deel van mij. De twee werelden zijn een afspiegeling van wie wij collectief zijn als mens, een afspiegeling van ons bewustzijn. Onafhankelijk zijn, vrij zijn betekent dat ik van binnen moet sterven aan alle valse beelden en verwachtingen die ik heb opgebouwd en vanuit de grond, vanuit mijn essentie opnieuw geboren word. Ik weet hoe moeilijk dit is! Daar gaat mijn innerlijk werk over en misschien is mijn hoop dat als maar genoeg mensen, individuen dit doen dat er niet zo’n wereld hoeft te ontstaan zoals de wereld onder de grond in de film THX 1138. Daarom tot slot van dit artikel de volgende, levende ervaring die ik een week geleden had.

Zoals elke dag van de week reed ik ‘s ochtends om 7 uur met mijn zoon Bo naar het station in Tilburg. Hij gaat dan met de trein naar zijn middelbare school in Eindhoven. Op de terugweg langs Goirle kwam de zon op en kleurde de lucht paars, rood, oranje, geel. Het was zo’n magisch moment dat mijn hele lichaam zachtjes deed trillen van aanwezigheid. Wow. Een levende ervaring met de wereld, met de natuur om me heen. Zoals ik dat ook kan voelen als er in de schemer over de zandweg waar we wonen een hert oversteekt. Ik word dan even losgemaakt van mijn denken, van mijn beelden, en geraakt door het leven zelf. Vorige week waren we met de donderdaggroep van project Natuurlijk Werken op bezoek bij Rian Michiels. Een vrouw die hier vlakbij in Aarle in een yurt woont. Het was een bijzondere ontmoeting en wat mijzelf raakte was de eenvoud en de stilte waarin zij leeft. Ze vertelde dat ze een keer ‘s nachts in haar bed lag en het licht van de maan door het raam in het dak op haar bed scheen. De roep van een uil klonk door de nacht. Meer heb je toch niet nodig, dacht ze toen. Het is een ervaring die ieder van ons zoekt, volgens mij, maar vaak doen we dat in de verkeerde richting. Buiten onszelf in plaats van in onszelf. Het is eenvoudiger en veel dichter bij dan we denken. Zo’n levende ervaring brengt me bij het diepe verlangen om vrij te zijn, om het leven te leiden waar ik als mens voor bedoeld ben.

lessen op mijn vijftigste verjaardag

IMG_4412

Mijn verjaardag is voorbij (ik kom daar later in dit artikel nog op terug) en het donker van het tweede deel van de herfst is aangebroken. De wintertijd is ingegaan, de dagen worden nu echt korter en ingesloten door het donker van de lange nacht. Dat is misschien de reden dat ik me al een paar weken kwetsbaar voel, uit balans ben. Het begon (trigger!) bij de reactie van een van de klanten van het dagbestedingsproject Natuurlijk Werken die plotseling en onverwacht aangaf dat ze er helemaal niets aan vond aan wat we op een van de dagen aanboden. Dat kwam keihard binnen en ik werd geraakt in een van mijn grootste pijnplekken met de overtuiging; mijn zorg schiet tekort. Ik probeer me dan een aantal dagen krampachtig in balans te houden, maar het is niet te houden. Mijn wond zoekt zijn weg naar de oppervlakte en wil gezien worden. Vraagt om genezing, om liefde. Dit is mijn grondtoon, mijn grondlaag die vaak onder de oppervlakte aanwezig is, maar wel mijn gevoelens, gedachtes en handelen onbewust stuurt.

Het is zeker zo dat ik regelmatig wordt geraakt door de onvoorwaardelijke liefde, maar deze grondlaag, ontstaan in het gezin waar ik ben geboren en groot gebracht, is daardoor niet verdwenen. De bodem van mijn persoonlijkheid is gevormd door de situatie waarin ik als baby, als kind hier op aarde ben ontvangen. Deze situatie was niet perfect, zonder dat ik mijn ouders hiervan de schuld kan geven. Ouders zijn niet volmaakt. Bovendien werd 2 jaar na mijn geboorte mijn zusje geboren, gehandicapt. Zij had veel zorg nodig en ondanks deze zorg overleed zij toen ze 2 jaar oud was. Het lijkt alsof ik hier mijn wond heb opgelopen. Het lijkt alsof met haar overlijden ik de overtuiging heb ontwikkeld dat mijn liefde tekort schiet. Ik heb haar met de liefde die ik voor haar had niet kunnen redden. Deze gebeurtenis heeft zeker iets gedaan in het systeem, het gezinssysteem waar ik onderdeel van was. Een soort verharding vanuit de pijn die hier werd geleden. Ieder kwam op een eilandje terecht, in de afgescheidenheid. Ik doe het wel alleen. Mijn liefde schiet tekort. Een gevoel van minderwaardigheid, van mezelf als slecht zien en van daaruit weer de conclusie, overtuiging ik ben het niet waard om van te houden. Ziedaar het vervormde beeld van de liefde dat ik hier onbewust heb ontwikkeld en dat de grondlaag van mijn persoonlijkheid is geworden. Mijn bottleneck. Mijn bottleneck die tegelijkertijd mijn valkuil is, waar ik telkens weer over struikel. Maar tevens de ingang voor de liefde die mij juist op dit punt wil genezen, helen, bevrijden. En mijn verlangen naar bevrijding is groot, heel groot. Mijn verlangen is groot naar dat mijn binnenkant samenvalt met mijn buitenkant. Dat wat ik aan moois te bieden heb van binnenuit aansluit op de vraag van buiten. En ook al ben ik nu 50 jaar geworden, jawel, die match is nog niet volmaakt. En een van de redenen is de verstoring die veroorzaakt wordt door de grondlaag, zoals ik deze hier beschrijf.

Op de ochtend van mijn verjaardag een paar weken geleden kreeg ik een belangrijke les, waarvan ik later dacht: dit is een belangrijk inzicht voor de komende 50 jaar! ik had het al jaren tegen Gebi gezegd als ik weer een pop in een tuin zag staan met een of ander gedicht; dat is dus wat ik niet wil als ik zelf 50 word! De kinderen waren die ochtend al vroeg beneden, wat ik niet helemaal snapte, want dat hoefde helemaal niet. Na het ontbijt deed ik de achterdeur open en, jawel, daar zat op een stoel een grote Tompop met 50 op zijn borst. Ik schrok me echt een ongeluk en werd hevig geconfronteerd met de negatieve emotie die dit bij me opriep, terwijl Gebi en de kinderen vol verwachting om me heen stonden en mijn reactie afwachtten. Ik kon niet anders dan stamelen dat ik dit niet echt leuk vond, dat ik het wel mooi gemaakt vond, dat wel…..Vooral mijn dochtertje Moon was wel heel teleurgesteld door mijn reactie en in de auto naar Tilburg had ik de ruimte om deze onverwachte ervaring te verwerken. Ik werd heen en weer geslingerd tussen mijn gevoel van negativiteit en mijn spijt dat ik Moon had teleurgesteld. Het proces bracht me bij een belangrijk inzicht. De liefde komt vaak niet in een vorm zoals ik die vanuit de door mijn persoonlijkheid ontwikkelde goed- en afkeuring verwacht of zou willen. Misschien zelfs wel in een vorm waar ik een hekel aan heb! Ik kon de liefde ervaren die Gebi en de kinderen hierin hadden gestopt, ze dachten oprecht dat ik dit leuk zou vinden. Hierdoor kon ik de liefde ontvangen, ook al was de vorm niet zoals ik dat wilde. Ontvang de liefde zoals die zich aandient. Wat er ook gebeurt, ik zal er blij mee zijn. Dat was de les!

Later op de dag, tijdens een meditatie die ik deed, voelde ik de dankbaarheid voor de liefde die me in mijn leven heeft geraakt. Die mij gevonden heeft en met me op wil trekken, al 50 jaar lang. Ik zag een spiraal voor me, die op het moment van mijn geboorte, 2 november 1963, uit de aarde komt en omhoog draaiend naar het licht. De spiraal neemt de vorm aan van een mens, van mijzelf. Het vormt een vat waar het licht in wordt gegoten, het licht vormt mij om tot een mens met een hart van licht en liefde. Een dag later zag ik in mijn meditatie een lichtkolom met wit licht. Een lichtkolom in mezelf waar ik contact mee kan maken. De kolom is van licht, maar tegelijkertijd oersterk, krachtig, onverwoestbaar. Het begin van een nieuwe basis.

Een tijdje terug deden we bij de groep van project Natuurlijk Werken een opdracht. De opdracht was om een collage te maken van jouw droom, het beeld van jouw leven waar je helemaal blij van werd, je je thuis voelde etc. Ik zelf deed ook mee en was verbaasd dat mijn oog telkens viel op een aantal tuinkassen in een blad over tuinieren. Het waren mooie houten kassen met veel glas, waar het licht zo door naar binnen kon schijnen. Ik knipte de kassen uit en even later ook nog de tekst; ik wil dicht bij de bron zijn. Toen ik hierbij stil stond, begreep ik plots de symboliek. Dit gaat over mijn grote verlangen om transparant te zijn, zoals ik hierboven al eerder schreef. Dat mijn binnenkant en mijn buitenkant hetzelfde zijn, zo binnen zo buiten. Misschien is zo’n heftige confrontatie met mijn grondlaag, de grondtoon van mijn persoonlijkheid wel een manier van de liefde om mijn binnenkant weer schoon te maken, het glas van mijn kas te poetsen totdat het weer helemaal doorschijnend is!

tijd en het belang van geschiedenis


IMG_4074

Een tijdje terug kreeg ik op een ochtend tijdens mijn meditatie een beeld van de liefde die in mij werkzaam is. Het beeld was dat de liefde zich in mij schenkt als in een soort vat, een blok met allerlei gangetjes, spleetjes, openingetjes. De liefde zoekt zijn weg in mij zoals een vloeistof zijn weg zoekt naar het laagste punt. Het is mijn persoonlijkheid, mijn onvolmaakte ik met al zijn dagelijkse beperkingen, gevoeligheden, kwetsbaarheden, patronen dat wordt gevuld met liefde. De liefde zoekt zijn weg totdat ik helemaal ben gevuld en alle gangetjes en inhammetjes worden opgelost in die liefde. Dan ben ik een met het geheel, licht en stralend. Het is mijn onvolmaaktheid die in de volmaakte en onvolwaardige liefde wordt opgelost.

Tegelijkertijd werd ik me bewust dat ik onderdeel ben van de tijd. Dat is niet zo gek, want tijdens mijn ochtend meditatie maak ik altijd een beeld van de komende dag en ‘s avonds sluit ik de dag weer af met een terugblik. Ik werd me bewust dat ik niet los sta van deze tijd, maar dat ik daar onderdeel van ben. De tijd is onderdeel van mij, van mijn lichaam. Mijn lichaam is er inclusief de tijd die mijn lichaam ouder doet worden. Al de gebeurtenissen die onderdeel zijn van deze tijd, van mijn tijd, zijn onderdeel van mijn lichaam, dus onderdeel van mij.

Dit is een ander beeld dan de overtuiging die ik onbewust of bewust heb meegekregen vanuit de samenleving waarin ik ben opgegroeid. Ik heb geleerd vanuit onze ‘verlichte’ samenleving dat ik een rationeel, onafhankelijk wezen ben, dat doet wat hij wil en zich op die manier in de wereld en in de tijd beweegt. Alsof hij een vrij, onafhankelijk wezen is. Ik kwam er nu achter dat dit beeld niet klopt. Dat het veeleer zo is dat ik onderdeel ben van de tijd die verbonden is met mijn lichaam, met mijn incarnatie in dit lichaam. Tijd is onderdeel van mijn lichaam en het aardse leven dat met dit lichaam is verbonden. De tijd die mijn lichaam hier op aarde is gegeven. Ik kreeg het beeld van mezelf als bootje dat ronddobbert over deze tijd. Tijd is onderdeel van mij, van wie ik ben. Het is mijn persoonlijke biografie die onlosmakelijk is verbonden met de geschiedenis van het collectief waar ik deel van ben.

Deze week was ik met Gebi een paar dagen in Duitsland. We bezochten de musea Schloss Moyland, dat is ingericht rond de kunstenaar Joseph Beuys en een dag later Insel Hombroich, een prachtige plek waar natuur en kunst worden gecombineerd. ‘s Avonds in een hotel in Neuss zapten we wat rond op de televisie en kwamen uit bij ZDFinfo. Een zender die de hele avond documentaires uitzond die te maken hadden met Hitler, de opkomst van de NSDAP, zijn samenwerking met de architect Speer. De geschiedenis van het collectief, het Duitse collectief werd uiteengezet in een caleidoscoop van beelden, van gesprekken. Het is nog steeds verbazend dat Hitler zijn gedachtegoed en rijk heeft kunnen opbouwen, eerst in het land zelf en later buiten de eigen landsgrenzen. Denk maar aan de Olympische Spelen van 1936, waar hij dit toonde aan de wereld. Niemand reageerde. Alsof ieder, zowel in Duitsland zelf als daarbuiten, werd betoverd door de enorme tentoonspreiding van macht, zoals te zien tijdens de jaarlijkse partijdag van de  NSDAP. Ik heb dat al eerder geschreven; wij hebben de gebeurtenis, die enorme gebeurtenis van de Tweede Wereldoorlog nog helemaal niet verwerkt. Maar Duitsland is nu bezig om deze geschiedenis tot zich door te laten dringen, daar waar het deze heeft onderdrukt na deze oorlog en alle energie heeft gericht op de wederopbouw van het land. Deze Tweede Wereldoorlog ligt ontegenzeggelijk ten grondslag aan het Europa dat nu wordt opgebouwd en waar veel kritiek op is. De reden van de Europese gemeenschap is om te voorkomen dat er ooit nog zo’n oorlog zou kunnen uitbreken. Het motief is zuiver, alleen de uitwerking daar kan over gediscussieerd worden.

Wat ik wil zeggen is dat het kennen van de geschiedenis zo belangrijk is om de ontwikkelingen van het moment te begrijpen. Bovendien is deze collectieve geschiedenis onlosmakelijk verbonden met ieders eigen geschiedenis, met ieders eigen biografie. Mijn vader was 8 jaar toen Nederland deel werd van de Tweede Wereldoorlog. Gebeurtenissen in zijn geboortestad Zierikzee heeft een diep spoor van wantrouwen en angst bij hem achtergelaten, wat zijn weerslag had op de opvoeding van zijn eigen kinderen, van mij als zoon. Mijn moeder werd geboren in de Tweede Wereldoorlog in het West-Brabantse Steenbergen. Haar gezin moest verschillende keren schuilen voor een vuurgevecht tussen de Duitsers en de geallieerden.

Zo heeft iedere oorlog, die collectief wordt gestreden, een persoonlijke impact, een persoonlijke variant. En daar ligt ook precies de bevrijding van de pijn die is geleden. We moeten collectieve pijn op een persoonlijke manier helen, verwerken, bevrijden. Dat is hoe de liefde werkt, die als doel heeft om ieder van ons te helen, te bevrijden, als wij in staat zijn deze liefde toe te laten. Daarvoor is het belangrijk dat we ons harnas, het gezicht van ons ego, ons masker afleggen en kwetsbaar durven zijn. Durven voelen van de pijn die ons is aangedaan. We moeten onze eigen biografie leggen naast de geschiedenis van het collectief. Dan zijn we in staat tot mededogen, tot vergeving. Dan laten we het licht van de liefde toe in het donker van onze pijn, die we in eerste instantie hebben onderdrukt en begraven. Logisch. Toch is daar, in dat donker, het zaad aanwezig voor onze groei als mens, voor onze groei naar de liefde toe die ons wil helen, bevrijden, aanraken, omhelzen. Ik ben er van overtuigd dat we hiermee zelfs, met deze bevrijding, deze persoonlijke heling, de geschiedenis kunnen herschrijven, transformeren. Alsof deze niet is gebeurd, alsof al die pijn, al die ellende, al dat geweld niet is gebeurd. Het is net als met een bevalling. Er wordt een kind geboren op het scherpst van de snede, een gevecht van leven of dood. Veel moeders overlijden in landen waar geen medische begeleiding aanwezig is, tijdens de geboorte van hun kind. In dorpen is vaak een huis aanwezig waar deze moederloze kinderen worden opgevangen en groot gebracht. Als het kind geboren is echter, veel moeders kennen deze ervaring, is de strijd op leven en dood vergeten. Alsof het nooit heeft bestaan. Zo als een kind uit de moeder, wordt op aarde een nieuwe mens geboren, gevormd door het licht van de liefde. Doorheen alle geweld en ellende die iedere dag weer plaatsvindt. Niet om al dat geweld goed te praten, maar om aan te geven welke enorme potentie er aanwezig is in al dat lijden, in al dat geweld dat we elkaar vanuit onze onbewustheid en onwetendheid aandoen.

Het kennen van onze collectieve geschiedenis in combinatie met onze eigen biografie is hierbij wezenlijk. Om bij onze pijn te komen, daar de liefde in toe te laten en van daaruit te vergeven. Dan maken we onze diepste betekenis als mens waar. Ik pleit voor geschiedenis en de eigen biografie als verplicht vak op onze scholen!

in de schaduw van mijn boom

IMG_3791

Gisteren zat ik met Bo voor het station in Tilburg te wachten op Gebi die ons met de auto zou ophalen. Het duurde wat langer dan gepland en zo zagen we in een klein uurtje vele mensen langskomen van en naar het station. Afgezet worden, opgehaald worden, lopend, fietsend. Al een tijdje ben ik mijn eigen begeerte aan het onderzoeken, mijn neiging om te willen hebben. Ik schreef daar eerder over. Nu kwam plots het inzicht in me op dat iedereen in essentie van de liefde is. Dat inzicht raakte me diep. Zo is de liefde met ieder van ons bezig, ook al hebben we het vaak niet in de gaten. De liefde is bezig om ons te veroveren, om bij ieder van ons die plek te vinden waar de liefde thuishoort, daar waar wij ons leeg voelen, eenzaam. Daar waar de wereld ons niet kan vullen. Het is onze eigen wijsheid, onze koppigheid, onze trots, die hardnekkig vol blijft houden dat we het wel alleen kunnen, de liefde niet nodig hebben. Dat we het geluk buiten onszelf, in de zichtbare wereld om ons heen kunnen vinden. Dat is in ieder geval wat ik bij mezelf herken. En daarmee houd ik de liefde buiten de deur. De liefde wacht daar geduldig op mij totdat ik de deur open doe.

Een paar weken terug was er een soort van braderie in de Willem II straat in Tilburg, waar het nieuwe culturele seizoen werd geopend door onder andere Paradox en de Nieuwe Vorst. Zelf waren we aanwezig op uitnodiging van Pleiade, een van de winkels in de straat, met een kraampje van Pluk&Plenty met groentjes en lokale producten van Landgoed Nieuwkerk. Naast ons waren een aantal spirituele helers, die aan voorbijgangers een kort consult gaven. Ook ik werd in een rustig moment uitgenodigd voor een handmassage en het was heel mooi wat daar in een kleine 10 minuten uitkwam. Wow, wat een kracht heb jij. Alles is al aanwezig, maar je denkt nog steeds dat je er hard voor moet werken. Het beeld dat ik krijg van jou is een grote boom waarbij het fijn toeven is in de schaduw. Meer hoef je niet te doen. Ik was verrast door dit heldere beeld dat zo snel werd gezien door deze therapeute. En zeer herkenbaar dat hard blijven werken voor iets dat er eigenlijk al gewoon is. Zo schep ik mijn eigen gevangenis voor de enorme rijkdom die aanwezig is. Op die manier houd ik de liefde die er voor me is en op me wacht buiten de deur.

Toch is het ook zo dat ik telkens opnieuw leer dat de beperking van deze gevangenis het beginpunt is van mijn bevrijding. Het gaat hier over de beperking van mijn persoonlijkheid, die de afgescheidenheid veroorzaakt tussen mij en de liefde om me heen. En toch is die beperking, die handicap, mijn onvolmaaktheid het beginpunt voor de liefde die met mij wil werken. Het toelaten van die liefde begint bij het onder ogen zien en aanvaarden van deze beperking. En het voelen van de pijn daarvan. Vaak wil ik niet stil staan, maar wil ik naar buiten met mijn aandacht. Weg van mezelf, weg van mijn pijn, van mijn beperking. En dus ook weg van de liefde, die juist werkt met deze beperking. Die liefde weet precies wat ik nodig heb. Maar zo vaak ben ik eigenwijs en denk dat ik beter weet wat ik nodig heb en zoek het geluk buiten mezelf. Het is eigenlijk ongelooflijk hoe collectief we vastzitten in die neiging om het heil buiten onszelf te zoeken. Het lijkt wel of die collectieve kracht steeds sterker wordt. Dan heb ik het bijvoorbeeld over internet, over de sociale media, over de Grand Theft Auto 5.0. Escapisme noemt Govert Derix dit in een column in de Volkskrant. Ik heb zelf die neiging ook om telkens maar weer mijn mail te checken, te kijken of iemand reageert op mijn Facebook input, of er nieuws is op de site van de Volkskrant, te kijken naar de voetbaluitslagen.

Dat naar buiten gericht zijn is als een soort lek, waardoor mijn vat leegloopt zou je kunnen zeggen. Het vat dat wordt gevormd door het aanvaarden van mijn beperking, mijn onvolmaaktheid. Als ik dat doe, als ik mezelf in mijn onvolmaaktheid aanvaard, vormt dit het vat, de basis om de liefde in mij te ontvangen. Dan ontstaat er een samenwerking tussen essentie en persoonlijkheid die het doel heeft om de liefde die ik ontvang, door te geven aan de omgeving om mij heen. Mijn eigen leven wordt dan de uitdrukking van de liefde. Als ik maar met mijn aandacht bij mijzelf blijf. Als ik maar in staat ben om mijn eigen leven te lijden, vorm te geven, de waarde te geven die het heeft. De liefde wordt in mij geboren, de liefde vormt in mij een hart van waaruit ik mijn leven vorm geef. Ik word het instrument van die liefde. Dit gebeurt niet automatisch. Daar is veel bewustzijn voor nodig. Veel worsteling, veel twijfel, veel niet weten. Veel standvastigheid ook in het gericht blijven op die liefde. Het toelaten van pijn, het toelaten van lijden. Het vraagt overgave van mij aan deze liefde. Hoe bang ik daarvoor ook ben!

Dit klinkt misschien allemaal heel zweverig, maar spiritualiteit kan ook een hele goede manier zijn om het eigen, beperkte en onvolmaakte leven juist te ontwijken en de pijn daarvan niet te voelen. Het is natuurlijk heel fijn en verleidelijk om op te gaan in een spiritueel, symbiotisch eenheidsgevoel en dat beeld voor jezelf te koesteren. Je houdt je eigen onvolmaakte, donkere kant buiten de deur, waardoor het onvermijdelijk is dat je deze kant van jezelf projecteert op anderen, buiten jezelf. Het kwaad buiten jezelf dat bestreden dient te worden met de spirituele waarheid die jezelf in pacht lijkt te hebben. Maar eigenlijk is het een illusie, een beeld van de werkelijkheid. Het is alsof je denkt dat een boom of een plant gaat groeien zonder dat je het zaadje van je eigen onvolmaaktheid in de aarde hoeft te stoppen. Daar werd ik me opnieuw van bewust tijdens de de latifa-meditatie van afgelopen maandag. Tijdens deze oefening visualiseer ik de groei van een plant als symbool voor de eigen, menselijke groei. En het verwondert me steeds weer dat deze groei begint in het donker, in de schoot van de aarde. Het vrouwelijke dat het mannelijke ontvangt en onlosmakelijk met elkaar verbonden is. Het lijkt soms alsof we in een moment van onwetendheid, van onbewustheid dat licht en donker, dat allebei nodig is voor groei, dat mannelijke en het vrouwelijke, van elkaar zijn gaan scheiden en goed en kwaad zijn gaan noemen. Het donker is nodig voor natuurlijke groei, waar wij als mens onderdeel van zijn. Het kwaad bestrijden is hetzelfde als het donker bestrijden, de aarde bestrijden waar we het zaadje in stoppen om naar het licht te groeien. Het kwaad is misschien wel niets anders dan dat onvolmaakte deel in onszelf dat we niet onder ogen durven zien.

Het eerste half jaar werd ik geconfronteerd met de bezuinigingen op de individuele re-integratietrajecten die ik onder de naam WerkWaardig organiseerde voor klanten van Sociale Zaken. De inkomsten liepen drastisch terug, ik moest bezuinigen op mijn uitgaven en mijn focus verleggen naar nieuwe gebieden, nieuwe mogelijkheden. Het lijkt nu of ik een nieuwe basis gevonden heb om verder te groeien. Met een 10-tal kleine dagbestedingsprojecten zijn we bezig een coöperatie te vormen om met behoud van onze eigenheid toch een groot volume te maken en zichtbaar te maken naar gemeentes toe die vanaf 2015 gaan beslissen over de gelden voor deze dagbestedingsprojecten. Daarnaast ben ik met een werkgroep Transitie aan het kijken of we in Tilburg (en omgeving) een doorstart kunnen gaan maken van Transition Town Tilburg, die zo’n 5 jaar geleden is gestart, maar onlangs is opgehouden te bestaan. Tot slot ondersteun ik met mijn deskundigheid in het opzetten van een moestuin voor dagbesteding het lokale initiatief Stadstuin Theresia waar vanuit buurtbewoners een transitieproject wordt opgestart. In dat project komen zorg, cultuur, duurzaamheid, groen en activering samen. Soms stagneert mijn groei of worden mijn takken gesnoeid om daarna een nieuwe weg te vinden om verder te groeien vanuit nieuwe grond, nieuwe basis. Zo ontstaat er een nieuwe boom, waarvan ik de stroom maar hoef te volgen, waarvan ik mag leren dat ik er niet hard voor hoef te werken, maar deze er gewoon te laten zijn.

klein vlindertje op de muur

Net voordat ik wilde beginnen met mijn meditatie, ik zat reeds op mijn plekje en wilde mijn ogen sluiten, zag ik een klein vlindertje lopen over de muur vlak naast mijn hoofd. Ik werd geraakt door zijn dartele trend, zijn leven, deze specifieke manifestatie van het leven, van de liefde. Zo puur, zo zuiver. Hier zat niets tussen. Het riep een soort boosheid in me op naar mijn eigen leven. Mijn eigen leven als mens en wat er allemaal aan moeilijkheid, onzuiverheid zit tussen mij en mijn manifestatie van liefde, van leven. Waarom, dacht ik, waarom? Waarom moet ik zo hard werken van binnen en zoveel troep opruimen om als mens een zuivere manifestatie te worden van het levensprincipe, van de liefde? Terwijl dit kleine diertje gewoon helemaal vanzelf deze manifestatie is.

Vorige week was ik bij mijn leraar Marleine Driessen van de Innerlijke lijn. Ik kwam er in deze ontmoeting met haar opnieuw achter dat mijn  weg, de weg van het hart is. De liefde heeft mij gegrepen en wil mij helemaal, met huid en haar. Het betekent ook dat mijn minder leuke delen, mijn diep gekwetste en beschadigde delen, mijn bottleneck op deze weg naar boven komen, bewust worden gemaakt. Het licht is voor mij niet los verkrijgbaar, zoals dat bij sommige mensen wel het geval lijkt te zijn. Mensen die  boeken schrijven, met mooie woorden, waarin maar weinig worsteling, wanhoop of pijn te lezen valt. Het raakte me in het gesprek dat mijn weg niet zonder lijden gaat, dat dit lijden voor mij vaak de ingang is voor inzicht, voor het ervaren van de persoonlijke en onvoorwaardelijke liefde die er voor mij is. Jouw hart wordt opengescheurd, zie Marleine. De liefde heeft mij gegrepen en vormt, schept in mij een hart dat liefheeft. Het is de weg van Jezus, zei Marleine ook nog. Het is de liefde die de troep in mij opruimt en mij schept tot een manifestatie van liefde. Hieraan, aan deze liefde, kan ik mij overgeven. Helemaal. Hier hoef ik niet bang te zijn dat ik me verlies, want in deze overgave word ik volledig ontvangen. Ik kwam in mijn boekenkast een boekje met gedichten (kwatrijnen) van Roemi tegen (Roemi, liefde is de weg heet het boekje). Prachtig hoe hij zijn relatie met de liefde beschrijft. Vriend noemt hij deze liefde, de intieme vriend, de Geliefde.

Niets is mij zo nabij als de liefde

Aan het begin noch aan het eind.

Van binnenuit roept mijn ziel telkens weer:

‘Lanterfanter op het pad van de liefde,

open de deur voor mij.’

Afgelopen week was ik na een lange tijd weer eens in de Pont, museum voor moderne kunst in Tilburg. Het was heerlijk om er te zijn, om de verschillende vormen van kunst te zien en wat dat met me doet. Er is een mooie en zeer inspirerende expositie onder de noemer leerling-meester, waar een aantal talentvolle studenten kunstacademie zijn gekoppeld aan gearriveerde kunstenaars met als resultaat een groot aantal, zeer diverse kunstwerken. Het lopen door dit bijzondere museum bracht me bij het deel in mij dat onderzoekend in het leven staat. Het deel dat met nieuwe ogen naar de werkelijkheid kijkt, naar de wereld, naar mezelf. Dat is waar de kunst me toe uitnodigt of dit nu een museum is of een muziekstuk. Het vertrouwde, de geijkte paden loslaten en me openen voor het moment, dat altijd nieuw is. Ik merk (en dat is confronterend) hoever dat deel vaak bij mij zit weggestopt. Dat ik door de druk van het dagelijks leven en alles wat moet of wat ik denk dat ik moet in een mechanische, functionele modus terecht kom. Heerlijk om mijn eigen creativiteit weer te ontdekken, mijn nieuwsgierigheid, mijn wens om te onderzoeken, vrij in het leven te staan, in het moment. De kunstenaar in mij.

Mijn bezoekje aan de Pont was bedoeld als voorbereiding voor het donderdag-middagprogramma van project Natuurlijk Werken, waar volgende week dit museum op de agenda staat. Door mijn eigen ervaring begrijp ik weer wat de zin en betekenis van kunst voor ons mensen kan zijn. Kunst brengt me bij mijn levende, nieuwsgierige, creatieve deel. Daar waar ik me als mens onderscheid van anderen, individu ben, niet automatisch samen val met het collectief, loskom van mijn mechanische deel. Ik moet denken aan de zomergast van afgelopen zondag, Johan Simons, die als theaterregisseur zijn visie gaf over hoe momenteel de politiek in Nederland met kunst omgaat. In die zin zou je kunnen zeggen dat kunst een gevaar is, omdat de overheid gebaat is bij de mechanische, collectieve mens, die is te controleren, beheersen en sturen. Misschien dat dit onbewust wel een rol speelt in de bezuinigingsdrift van de overheid, die ook de kunst treft. En precies wat Simons zei; het is niet zozeer de bezuiniging, maar de manier waarop. Zonder enige kennis van zaken, visie of respect, alleen maar kijkend naar het financiele aspect.

Het dagbestedingsproject Natuurlijk Werken gaat een nieuw seizoen in en we zijn met elkaar bezig het programma vorm te geven. Onderdeel is een maandelijks bezoek aan een inspirerende plek, waaronder volgende week dus de Pont. Een ander onderdeel is persoonlijke ontwikkeling en groei. Deze week hadden we de eerste bijeenkomst wat dat betreft met het inzetten van een persoonlijk thema, leervraag of verlangen dat voor iedere deelnemer als een rode draad de komende maanden met het project meeloopt. Voordat we hiermee begonnen, liet ik ieder een kaartje trekken (van Fotomissie) als hulpmiddel om iets te vertellen over jezelf. Wonderlijk welke kaartjes werden getrokken met onderwerpen zoals verlangen, onderzoeken, perspectief, omhoogklimmen, bescherming. Voor bijna ieder was het een toepasselijk kaartje en bij sommigen zelfs ook direct het thema voor de komende maanden. Het inzetten van een leervraag of thema werkt hetzelfde als de kunst waar ik het eerder in dit artikeltje over had. Als je bewust stil staat bij wat je verlangen is, je wens, je leervraag, maak je even contact met je essentie. Met dat deel dat levend in je is, dat deel dat oude, mechanische patronen doorbreekt. Het was bijzonder hoe een van de deelnemers deze middag vertelde dat hij merkt dat er nog steeds in hem een sprankje licht aanwezig is dat ervoor zorgt dat hij zijn neiging om in te zakken, het op te geven, doorbreekt en uit huis komt, in de auto stapt, mensen ophaalt en naar het project komt. Er is een sprankje licht in hem dat nog steeds vooruitgang zoekt, wil leren, wil groeien. Het inzetten van een thema helpt daarbij, omdat het daarmee een richting, een doel, een focus zet in toekomst in een door jezelf bepaalde tijd. Tegelijkertijd doe je met het inzetten van een thema of verlangen een beroep op het universum, de geestelijke wereld, de liefde om je te helpen. De liefde doet niets liever dan je te helpen te groeien, maar heeft het wel nodig dat je jouw verlangen bewust inzet of uitspreekt. Een leraar van mij, Jan de Dreu, zei altijd dat je de liefde, de geest moet bestellen.

Het is wonderlijk dat er twee kanten in ons zijn als mens. Een kant die ons terug wil trekken in onbewustheid, onwetendheid, in slaap zou je kunnen zeggen. En een kant die wil groeien, die wil leven, nieuwsgierig, onderzoekend is. Een geestelijke en een materiele kant zou je kunnen zeggen. We zijn deel van beide werelden, waarbij het in de kern ook nog de vraag is hoe materieel de werkelijkheid is die wij als materieel beschouwen. Iedere 7 jaar zijn alle cellen van ons lichaam volledig vernieuwd, elk element kent een bepaalde omlooptijd totdat het volledig is vergaan. Als we kijken naar de seizoenen sterft de natuur en wordt deze telkens weer geboren in een oneindige cyclus. En als we iets zeker weten is het dat ons lichaam aan het eind van ons leven sterft. Het leven en de werkelijkheid is een en al beweging, staat nooit stil. Wat is eigenlijk materie als alles voortdurend in beweging is?

De kant in ons die wil groeien, die wil leven met alle vezels die het in zich heeft, kan geholpen worden door regelmatig naar kunst te kijken of ernaar te luisteren. Laat je verrassen! Of door voor jezelf een thema of verlangen in te zetten gedurende een door jou zelf bepaalde tijd, bv. een half jaar. Zelf heb ik ieder jaar een thema, dat loopt van 1 september tot 1 september het jaar daarna. Dit jaar is dat overgave. Dit thema loopt nog ruim een week, dus ben ik ook al voorzichtig bezig met het thema van volgend jaar. Ik werd erg blij van het kaartje dat ik trok met het onderwerp onderzoeken. De emotie die ik ook ervaarde bij het bezoek aan de Pont. Onderzoekend in het leven staan, alsof ieder moment, iedere dag weer nieuw is en als een onbeschreven blad ingevuld kan worden. Dat er een balans is tussen het kader dat vastligt, bv. opstaan, kinderen naar school brengen, eten, slapen etc. Maar dat de ruimte tussen de lijntjes niet automatisch is ingevuld, dicht is getimmerd, maar ruimte laat om te onderzoeken. Misschien is dat wel het lanterfanten waar Roemi het over heeft in het gedicht eerder in dit artikel! Nog een derde manier die in dit artikel wordt genoemd om je te laten verrassen en even contact te maken met je essentie is het trekken van een kaartje. Je hebt vele mooie kaartjes, engelenkaartjes, deugdenkaartjes etc. Je zou eens bij Pleiade kunnen binnenstappen om een doosje kaarten te bekijken.

Wil je het bestaan van de vriend ontdekken,

Ga dan naar je kern en verlaat je schil.

Zijn essentie is gehuld in sluiers,

Hij is verzonken in zichzelf

en de twee werelden in hem.

(Roemi)

 

dagboek in frankrijk

Als achtergrond van deze tekst mijn vakantie in Frankrijk samen met Gebi, Bo en Moon. Ik hield een dagboekje bij, waarbij ik hier een aantal fragmenten deel. Onderwerpen zijn oa.: de huwelijkse liefde met Gebi, reflecties op de transitiebeweging volgens Rob Hopkins en beelden van de natuur in de Franse Sud-Ouest.

11/7/2013

De eerste dag van onze vakantie neergestreken in het plaatsje Dourdan, net onder Parijs. Voordat we deze ochtend vertrokken besloot ik mijn gsm thuis te laten. Wat een rust geeft dat nu, hoef geen e-mails te checken, krijg geen telefoontjes of sms-jes, kijk niet ieder half uur naar het nieuws op de Volkskrant app. Bovendien van huis weg, waar altijd iets te doen is, in het huis, in de grote tuin, in de moestuin van Pluk&Plenty. Even is er niets anders dan ikzelf. En mijn vrouw en 2 kinderen. Voel een soort vrede waarvan ik me kan voorstellen dat dit later als ik ouder ben en de kinderen de deur uit zijn een soort basisgevoel word. Het is de vrede van het aanvaarden zoals ik helemaal ben. In de volmaaktheid van mijn essentie en in de onvolmaaktheid van mijn persoonlijkheid, met al zijn eigen-aardigheden.

Het was trouwens een bijzonder moment voordat we vertrokken en ik nog even midden in onze tuin stond, met veel aandacht voorbereid voor de persoon die een week op ons huis komt passen. Het was net een paradijs met alle bloemen, de bomen, het kort gemaaide gras. De hele plek straalde licht uit, leek het wel.

12/7/2013

Zonsondergang aan het Bassin d’Arcachon, onze eindbestemming. Het is net hoog water, dus kunnen we nog een duik nemen in het zoute water. We zitten op een camping vlak aan het strand van Andernos les Bains. Deze vakantie zijn Gebi en ik twaalf en een half jaar getrouwd. Ik word me de afgelopen tijd steeds bewuster van de huwelijkse liefde die ik met haar heb. Het huwelijk geeft een soort kader, een soort verbintenis waarin ik alles van mezelf tegenkom en niets van mezelf kan ontwijken. Eigenlijk omdat deze verbinding over liefde gaat. En nog steeds ben ik bezig me meer met Gebi te verbinden, me over te geven aan deze relatie. Ik leer mezelf kennen, ik leer mezelf te laten zien, ik leer Gebi kennen. Toch heb ik regelmatig last van een beeld dat ik heb van de volmaakte liefde en de volmaakte vrouw die mij automatisch geeft wat ik nodig heb. Als ik vanuit dit beeld naar Gebi kijk, kan ze hier nooit aan voldoen. Soms sluimert er dan in mij een ontevreden gevoel en een verwijt; jij geeft me niet wat ik nodig heb!

De Franse Sud Ouest ken ik goed. Jarenlang kwam ik hier als tiener met mijn ouders op vakantie. Mimizan. Montalivet. Dat ik hier nu ben roept beelden op uit het verleden. Ik zie mezelf zitten achter in de auto van mijn ouders na een dagje strand. De gebruinde rug van mijn vader, de hitte, het geluid van de krekels. Het is alsof ik nu weer even achter in die auto zit. Later, toen ik ongeveer 25 jaar oud was, lifte ik met 2 vriendinnen naar dit gebied in Zuid-Frankrijk. En 14 jaar geleden reden Gebi en ik hier op de fiets langs de Atlantische kust van Biarritz naar Bretagne.

14/7/2013

Het is 11 uur in de avond. Rond het bassin zijn de lichtjes van de stadjes zichtbaar. Er vindt op verschillende plekken een groot vuurwerk plaats vanwege quartorze juillet.  Met een 20-tal mensen van de camping kijken we naar het spektakel.

Ik ga vanuit de specifieke achtergrond van mijn persoonlijkheid, gevormd in het gezin waar ik ben geboren, de liefdesrelatie aan met mijn vrouw Gebi. We komen hierin beiden onze eigen pijn tegen, maar ook de manier waarop we dat proberen te ontwijken of te camoufleren. Onze ‘draken’ zou je kunnen zeggen. Wat ik leer is dat Gebi een eigen persoon is, een eigen ik, die anders is dan ik. In mijn beeld denk ik dat liefde symbiotisch is, dat je moet samenvallen, samensmelten, pas dan is het goed. Wat ik leer in deze relatie is dat Gebi een ander persoon is dan ik met haar eigen beleving van de dingen. En dat haar beleving niet dezelfde hoeft te zijn als die van mij en die van mij niet hetzelfde als die van haar. Ik leer dat ik mijn verlangens en behoeftes mag uitspreken, zonder dat deze hetzelfde zijn als die van haar en zonder dat deze door Gebi automatisch worden vervuld. Het begint altijd met ik zeggen tegen mijn verlangen. Zo is het trouwens ook met de geestelijke liefde, deze komt ook pas in beweging als ik mijn verlangen uitspreek. Dit is wat ik verlang, wat ik het allerliefste wil. Voor mij is dat een grote drempel, omdat ik precies in mijn eerste behoefte als kind ben gefrustreerd in de jaren na mijn geboorte. In mijn behoefte aan warmte, genegenheid, lichamelijkheid, aan liefde. Ik besloot, ik kan me dat moment nog goed herinneren, ik doe het wel alleen. Met deze overtuiging bouwde ik een muur om mezelf heen. Maar ik merk telkens weer dat in mijn zwakste punt de opening ligt naar het contact met de liefde, naar het contact met Gebi, naar de intimiteit. Als ik me hierin kwetsbaar maak en mijn verlangen of behoefte uitspreek, komt er ruimte voor de liefde en ontstaat er contact. Vaak is het uitspreken genoeg en ik kan voelen dat mijn behoefte of verlangen er mag zijn. Zo word ik telkens weer geboren uit de grond van de aarde. Schoon, licht. Het is een beeld dat ik voor me zie van een mens die letterlijk uit de bruine klei omhoog komt met zijn armen omhoog, zijn bovenlichaam is helemaal licht.

15/7/2013

Het is warm. We hebben ons al snel aangepast aan het Franse ritme en de getijden van het bassin. Vandaag zien we voor het eerst de Atlantische Oceaan. Als we het water ingaan, voelen we de sterke krachten van de stroming. Dit is wel iets anders dan de Noordzee! Ik ben verrast door de helderheid van het water, waar je soms een hele groep vissen ziet zwemmen. We duiken in de hoge golven en laten ons als een surfplank meevoeren naar de kust. Verderop in de zee liggen een aantal surfers te wachten op hun ideale golf, een mooi zicht.

Later die dag hebben Gebi en ik een uitgebreid gesprek over onze relatie. Het is een intensief gesprek, omdat we hierin de grens opzoeken. Het is namelijk onoverkomelijk dat we allebei vast gaan zitten in onze oude patronen. Daar waar ik zelf mijn persoonlijke bottleneck heb en Gebi ook, heeft onze relatie die ook. Het is het kwadraat van onze eigen bottleneck, zou je kunnen zeggen. Vanuit een diep verlangen naar contact, zoeken we toch steeds weer de confrontatie. Het levende contact met elkaar. Er komen dan nieuwe inzichten, die we misschien wel kennen, maar opnieuw worden ontdekt. Ik moet dan echt durven om de crisis aan te gaan, te durven sterven, te durven verliezen, los te laten. Te sterven aan mijn beelden, aan mijn verwachtingen die ik over de liefde heb met een vrouw en waarvan mijn ego, mijn persoonlijkheid wil dat Gebi daar aan voldoet. Zo’n gesprek begint altijd met dat ik haar verwijt, jij geeft me niet wat ik nodig heb. Uiteindelijk zijn we beiden bereid om naar onszelf te kijken, we verzachten en ik kom dan altijd uit op mijn bottleneck, mijn zwakste punt: het uitspreken van mijn behoefte, van mijn verlangen. En eigenlijk gaat Gebi dan altijd open, als ik mijn boodschap bij mezelf houd en bij mezelf begin. Het gesprek geeft me diep vertrouwen in onze liefdesrelatie, doordat ik weer ervaar hoe het bij ons werkt. Er is een doodlopend pad van ieders isolement, ieders comfort zone, vanuit pijn uit het verleden. Daar komen we dan in vast te zitten door het dagelijks leven, de druk die daarvan uitgaat en wat er allemaal moet. Het is niet voor niets dat we dit gesprek nu hebben in de vakantie. Telkens is er  weer een uitweg, die steeds opnieuw wordt ontdekt. Zo wordt ook onze liefde, de specifieke liefde tussen Gebi en mij, uit de aarde geboren, uit de grond van de aarde. Op deze manier groeit mijn vertrouwen in de liefde, dat ik deze liefde waard ben, dat ze mij niet verlaat, dat ik haar niet verlaat, dat ik op de liefde kan bouwen.

18/7/2013

Hier op vakantie zijn is leven met de getijden van het bassin, ons aanpassen aan de warmte. Spelen met de kinderen als het eb is, badmintonnen op het harde zand. Wormen steken om later, als het water weer hoog is, voor het eerst met de hengeltjes van de kinderen te vissen. Een Belgische buurman helpt ons met het in elkaar zetten van de hengels en geeft ons enkele tips voor het vissen. Pas later in de middag gaan we weg van de camping naar de duinovergang Le Grand Cohot bij het plaatsje Lege-cap-ferret. Het is een lange weg door de bossen met de geur van hars en het ritmische geluid van de krekels. Het zwemmen in de oceaan is een intense ervaring die een diepe indruk achterlaat in mijn lichaam. Het is het gevoel van een spons die met grote behoefte het water opneemt, dat verlangen. Om 7 uur ’s avonds doen we dan boodschappen bij de plaatselijke super, de Intermarché, die verrassend genoeg niet duur is en verse vis verkoopt. We koken bij de tent op het tweepits gasstelletje en toveren toch elke dag een heerlijke maaltijd tevoorschijn. Al is de witte wijn die ik hier kocht van een plaatselijke chateau veel te zoet! ’s Avonds begint er op sommige avonden een activiteit met soms luide boem-boem muziek en ’s morgen worden we tussen 8 en 9 uur gewekt met een enthousiaste stem uit de luidspreker Bonjour a tous (uitgesproken: toesssssu) met het amusementsprogramma van die dag. Niets is perfect, zeker niet een vakantie vertelt ook deze week een mooie column in de Volkrant.

Deze vakantie in Frankrijk nam ik het Transitie handboek van Rob Hopkins mee, dat hij in 2006 schreef. Heel in het kort: Hopkins zag het licht toen hij zich bewust werd van piekolie, het moment dat de olievoorraad de vraag niet meer aankan, er minder productie is en de prijs dus omhoog gaat. Het einde van de goedkope olie. Dit besef, samen met de klimaatverandering, heeft hem in beweging gezet om zoveel mogelijk mensen te mobiliseren om lokale veerkracht te ontwikkelen vanuit de uitgangspunten van de permacultuur. Het is een visie die me erg aanspreekt, maar waar ik toch enkele kanttekeningen bij heb vanuit het onderzoek dat ik aan het doen ben naar het begrip transitie.

Allereerst kom ik er door het boek van Hopkins achter dat ik zelf al jarenlang bezig ben met transitie. Eerst met stichting Met hart en ziel en daarna met WerkWaardig om mensen op het spoor te brengen van hun potentie en verlangen. Individueel, want voor mij begint transitie bij het individu in plaats van bij de groep, waar Hopkins de nadruk op legt. Al vanaf mijn middelbare schooltijd voel ik me niet thuis in de reguliere manier van denken en ben ik zoekende naar een alternatieve manier van werken en leven. Een bewuste manier van leven en werken. Dat zaadje, die potentie om het anders te doen dan gemiddeld, lag reeds bij mijn geboorte in mij besloten. Met stichting Met hart en ziel vond ik mijn eerste vorm en in die zin lever ik al meer dan 15 jaar een bijdrage aan de transitie waar de wereld in zit. Het is een bewustzijnsverandering vanuit vele stromingen ingezet en die volgens mij niet begon bij Rob Hopkins, ook al staat er op de kaft van het boek dat hij de oprichter is van de Transitie-beweging. Zijn model is voor mij inspirerend om mijn eigen transitiemodel te ontwikkelen.

Voor mij begint mijn transitie in mijzelf, waar ik mijn eigen ego-structuur onderzoek en mijn zwaartepunt probeer te verleggen van mijn persoonlijkheid naar mijn essentie. Mijn ego-structuur die gebaseerd is op mijn ervaren van een tekort, mijn afgescheidenheid van de eenheid en de manier, het patroon waarmee dit tekort wordt gecamoufleerd (de nr. 2 in het enneagram). Deze ego-structuur is voor mij de werkelijke oorzaak van onze samenleving die uit evenwicht. Ik kan me flink gevangen voelen in deze structuur, onvrij. Dat gevoel toelaten is het begin van mijn bevrijding, maakt ruimte voor de liefde om van daaruit weer contact te krijgen met mijn essentie. Dit is voortdurend werk, waarvoor het eigenlijk nooit vakantie is. Werkelijke transitie begint voor mij bij dit innerlijk werk. Als dit wordt overgeslagen blijft de transitie een uiterlijk proces vanuit de ego-structuur die bijvoorbeeld als motief heeft om de wereld te redden.

19/7/2012

Vandaag zijn we precies 12 en een half jaar getrouwd en het leek ons leuk om het grootste duin van Europa Dune de Pyla te beklimmen, wat Gebi en ik 14 jaar geleden op onze fietstocht langs de Atlantische kust ook al een keer deden. Het is een uurtje rijden vanaf de camping waar we zitten. Het is al behoorlijk heet als we er aankomen. Het is een indrukwekkend beeld het enorme duin en het uitzicht als we boven komen. Denk trouwens niet dat we hier de enige zijn, want het duin wordt beklommen door een paar honderd mensen die daarna allerlei souvenirs kunnen kopen in de winkeltjes aan de voet van het duin. We besluiten niet aan de andere kant helemaal af te dalen naar de zee met het vooruitzicht om daarna weer honderden meters omhoog te moeten klimmen. Lunchen doen we op de camping om daarna naar ons strand te gaan bij Le Grand Cohot. ’s Avonds gaan we uit eten in een strandtentje met heel toevallig live-muziek van een rhythm&blues bandje.

Er is angst in mij om de liefde te verliezen. Als ik daarbij stil sta, voel ik dat het begin van mijn leven een grote schok was. Daar is de overtuiging in mij ontwikkeld dat de liefde er niet voor mij is. Mijn gehandicapte zusje die al snel overleed, mijn moeder die haar moest verzorgen en er niet helemaal voor mij kon zijn. Ik kan nu ervaren in de relatie met Gebi dat ik me mag laten zien in mijn onvolmaaktheid, in mijn behoeftes en verlangens en dat Gebi dan niet zomaar weggaat. Dat ik me kan laten zien in die delen waar ik zelf een groot oordeel over heb. Zo leer ik steeds meer te vertrouwen en me te verbinden. Het gaat uiteindelijk toch steeds weer over ieders relatie met de liefde, de persoonlijke beschadiging daarin en het herstel van het vertrouwen met de liefdesband. Het vertrouwen dat onvoorwaardelijke liefde bestaat. Het grootste verlangen van ieder mens is om onvoorwaardelijk lief gehad te worden, om deze liefde te leren kennen en erop te leren vertrouwen. Op die basis vindt de verschuiving, de innerlijke transitie plaats van het ego, de persoonlijkheid naar de essentie. De persoonlijkheid verdwijnt daar niet mee, maar krijgt zijn eigenlijke functie terug. Namelijk de essentie, de liefde te dienen, in plaats van zich op de zetel van de liefde te plaatsen (ego).

22/7/2013

Als ik deze nacht uit de tent stap, is het volle maan. Het licht schijnt over het water, ik zie de bootjes dobberen. In de verte de lichtjes van de kleine stadjes rond dit bassin. Wat zijn er toch veel bewegingen in de natuur. Dag, nacht, eb, vloed, volle maan. Ik voel me daar even als mens onderdeel van.

Volgens mij vindt transitie al een lange tijd plaats, veel langer dan de vorm van Rob Hopkins zoals  hij dit in zijn boek beschrijft. Er zijn de afgelopen eeuw verschillende spirituele stromingen ontwikkeld met als doel om de eigen ego-structuur te ontrafelen en weer contact te maken met de eigen essentie. Ik noem hier bv. het Padwerk van Eva Pierrakos, de Diamant-methode van Almaas en de enneagram benadering van Sandra Maitri. Dit innerlijk werk biedt de basis voor een innerlijke transitie, wat inhoudt dat er van binnen een nieuw ankerpunt wordt gevonden met de ervaring van vervulling en overvloed. Vanuit deze innerlijke transitie vindt ook een uiterlijke transitie plaats, waarin de vorm die Rob Hopkins voorstelt een van de vele vormen is. Een die me trouwens erg aanspreekt. Zolang ik mensen begeleid, doe ik dit vanuit de verbinding met de natuur. Met de handen in de aarde werken in een moestuin, die vruchten oplevert om van te eten (Pluk&Plenty). Innerlijke transitie begint bij het individu en doet een ik ontwikkelen, een ik-bewustzijn van waaruit op een nieuwe manier contact wordt gemaakt met de gemeenschap, de groep. Deze volgorde van eerst ik en dan wij is wezenlijk voor een transitie die nieuwe uitgangspunten biedt voor een samenleving die minder druk legt op fosiele brandstoffen en natuurlijke voorraden.

Het door innerlijk werk aan de ego-structuur ontwikkelde ik-bewustzijn is de basis voor het contact maken met het eigen talent en de potentie als onderdeel van de eigen essentie. Vanuit contact met het eigen talent wordt duidelijk welke bijdrage iemand kan leveren aan de uiterlijke transitie. En dat kan voor iedereen anders zijn! Omdat dit gebeurt vanuit de essentie, zal men een bijdrage leveren vanuit de ervaring van overvloed in plaats vanuit de angst bv. dat de fossiele brandstoffen opraken of zelfs dat het voortbestaan van de aarde op het spel staat. Werkelijke vervulling, overvloed en vrede vinden we van binnen en niet van buiten. Vanuit deze innerlijke overvloed stroomt het talent over naar plekken waar het kan bijdragen en is er een nieuwe manier van samenwerken mogelijk in de gemeenschap waar de bijdrage wordt geleverd.

23/7/2013

De laatste halte op onze vakantie in Frankrijk is in het plaatsje Milly, zo’n 20 kilometer ten Westen van Fontaineblue. Een mooie plek midden in het bos met veel alternatieve mensen. We begrijpen direct dat dit een goede plek is om een keer terug te komen als uitvalbasis naar bv. Fontainebleau, maar ook Parijs. De kinderen verlangen naar hun huisdieren en vinden twee weken weg van huis meer dan genoeg. Ik moet denken aan de vakanties met mijn ouders die meestal 4 weken duurde. Het was de tijd dat mijn vader de druk van het dagelijks leven met een baan in de haven van Terneuzen kon ontvluchten en zich voelde als een god in Frankrijk. We mochten na 2 weken vooral niets laten merken van een eventueel heimwee naar huis. In deze vakantie met mijn eigen kinderen besef ik dat er toen niet naar onze mening werd gevraagd, terwijl ik het zelf nu toch heel belangrijk vind dat er in mijn gezin naar ieders behoefte wordt geluisterd en er een weg wordt gevonden waarin iedereen zich gezien voelt. Hoe moeilijk dat soms ook is. Een punt van unanimiteit dat ook de basis zou kunnen vormen voor een nieuwe manier van samenwerken vanuit de transitiegedachte.

 

transitie als nieuwe vorm van activering

In een vorig artikel schreef ik al iets over transitie, dat ik geraakt was door een documentaire hierover en dat ik dit begrip wilde gaan onderzoeken als mogelijkheid om hier iets mee te doen wat betreft mijn werk. Ik ben nu het boek van Rob Hopkins aan het bestuderen, dat heet Het transitie handboek met als ondertitel Van olie-afhankelijkheid naar lokale veerkracht. Een paar weken terug ontmoette ik Peter Vermijs. Via zijn buurvrouw en vriendin van Gebi en mij had hij gehoord van Pluk&Plenty en samen met haar kwam hij op een zaterdag kijken. Hij vertelde dat hij in de wijk Theresia bezig was met een stadstuin, waarin hij ook een moestuin wilde aanleggen, waar dan dagbesteding kon plaats vinden, maar ook sociale activering van uitkeringsgerechtigden. Zo kreeg ik plots een project op mijn pad waarin transitie in de buurt concreet zou kunnen worden. Ik ben in ieder geval uitgenodigd om in september mee te praten over dit boeiende project, waarbij verschillende disciplines zoals duurzaamheid, kinderopvang, bepaalde vormen van zorg, dagbesteding, activering en cultuur worden gecombineerd tot een infrastructuur van de toekomst voor de buurtbewoners van deze wijk in Tilburg.Naar aanleiding van deze transitie-activiteiten besloot ik een tekst te schrijven over transitie in de buurt of wijk en wat dit voor de gemeente Tilburg zou kunnen betekenen in het kader van een nieuwe vorm van (sociale) activering van mensen zonder baan.

Economische crisis als nieuwe realiteit
Sinds 2008 is er een economische crisis gaande die momenteel op vele vlakken voelbaar is. Een van deze gebieden is de activering en re-integratie van werkelozen naar betaald werk. Binnen een paar jaar is het budget binnen de gemeente Tilburg met 75% afgenomen. Toch zie je dat de manier van activering naar werk nauwelijks verandert. Uitkeringsgerechtigden worden vanuit een oude manier van denken nog dwingender in een nog kortere tijd richting betaald werk geleid, dat er op dit moment door de economische crisis niet is. De tijd dat onze economie nog genoeg betaald werk schept, lijkt voorbij. Sterker nog; we zien dat de huidige economie juist sterk bezuinigt op menselijke arbeid. Dat zal in de nabije toekomst niet veranderen. Het lijkt er dus op dat ons oude economisch denken over werk en activering naar werk niet het resultaat oplevert dat we eigenlijk willen. Dit nodigt ons uit om op een andere, nieuwe manier naar werk en werkelozen te kijken, die de oude manier niet volledig hoeft te vervangen, maar in ieder geval wel aanvult.De oude manier is gebaseerd op de gedachte dat de betaalde baan de ultieme plek is waar enerzijds geld wordt verdiend en waar anderzijds de werkende zijn kwaliteiten kan aanbieden aan de samenleving. Dit uitgangspunt heeft voor een lange tijd redelijk goed gewerkt. We zijn nu echter in een andere realiteit aangeland. Een economische crisis, waarbij het de vraag is of we een terugkeer kunnen verwachten naar de materieel overvloedige tijden van het begin van deze eeuw of dat we ons denken over werk en werkeloosheid moeten aanpassen aan de huidige realiteit van schaarste aan betaald werk. Met als gevolg dat de kwaliteiten en talent van veel mensen, ook jongeren, onbenut blijven en niet dienstbaar worden gemaakt aan de gemeenschap. Potentie van veel mensen lijkt, als we vasthouden aan de oude manier van activering en re-integratie, op te drogen en dat is zonde. Zowel voor het individu als voor de gemeenschap.

Een nieuwe manier van kijken naar werk en werkeloosheid
De uitdaging waar we voor staan is om een nieuw toekomstbeeld te scheppen waarbij nieuwe voorwaarden worden geschapen voor mensen zonder betaalde baan om hun talent en kwaliteiten in te zetten voor de gemeenschap en tegelijkertijd een duurzame samenleving te creëren met meer gezondheid, duurzaamheid, veiligheid en onderlinge verbindingen. Een nieuw paradigma, een nieuwe manier van kijken. In een duur woord zou je dat transitie kunnen noemen. Transitie als natuurlijke en logische overgang van de ene realiteit naar een volgende realiteit, omdat vormen nu eenmaal aan verandering onderhevig zijn en het mens eigen is om zich aan deze veranderingen aan te passen. Deze tekst wil contouren schetsen voor zo’n nieuw toekomstbeeld en concreet handvatten aanreiken om de overstap te maken naar deze nieuwe realiteit. Het zou als discussiestuk kunnen gelden voor verschillende partijen in de stad om in gesprek te gaan over een nieuwe vorm van activering in Tilburg.

Het bijzondere van de stad Tilburg is dat er van oudsher vanzelf initiatieven van onderaf worden ontwikkeld. Wat als eerste in me opkomt is bv. Festival Mundial of wat nu Traverse wordt genoemd als initiatief van Pater Poels. Er zijn nog veel meer voorbeelden, ook op dit moment in deze tijden van economische crisis. Ik denk dat de gemeente Tilburg nu voor de keuze staat om deze initiatieven om te zetten tot beleid. Niet een beleid dat dwingt of stuurt, maar een beleid dat faciliteert en mogelijk maakt.Wat op de allereerste plaats nodig is voor deze overgang of transitie, is dat er niet alleen en eenzijdig wordt gedacht vanuit geld (economie), maar vanuit mensen en menselijke waarden. We leven in een tijd die duidelijk maakt dat onze oude manier van denken, waarbij economische waarden (concurrentie, efficiëntie, winst maken, rendement etc.) centraal staan, zijn grenzen heeft bereikt. De klimaatverandering en het opraken van natuurlijke grondstoffen maken deze grenzen zichtbaar. We kunnen ons niet aan deze werkelijkheid onttrekken en net doen alsof er niets aan de hand is. We zullen moeten inzien dat arbeid niet op de eerste plaats een economisch gegeven is, maar een menselijk gegeven met menselijke waarden als uitgangspunt. Dit vraagt een fundamenteel andere benadering! Met deze andere benadering maken we namelijk de potentie vrij die in ieder mens aanwezig is, een potentie die we als gemeenschap hard nodig hebben.

Veel frustratie en verkeerd beleid komt voort uit het feit dat geld vaak op de eerste plaats wordt gezet. We hebben de overtuiging dat dit uitgangspunt goed is voor zowel het individu als voor de gemeenschap. De realiteit spreekt dit echter steeds meer tegen. Dat wordt in deze tijd van economische crisis duidelijk. Een controlerend beleid dat uitgaat van louter rationele, economische motieven gaat namelijk uit van angst en wantrouwen en niet van vertrouwen. En dat vertrouwen is precies wat mensen nodig hebben. Hoofd en hart dienen met elkaar in balans te zijn en zo moeten we naar mensen kijken. Willen we recht doen aan hun potentie, aan hun kwaliteiten en talent. Vanuit het loslaten van dit oude beeld waarin geld centraal staat en niet de potentie van de mens, gaan we anders naar mensen kijken. Met name uitkeringsgerechtigden die een beroep doen op een bijstandsuitkering. Beleid is nu dat deze zo snel mogelijk op het spoor gezet dient te worden naar betaald werk. Deze baan gerichte manier werkt in de huidige realiteit onvoldoende en doet geen recht meer aan de wens van iedere mens om zich dienstbaar te maken aan de gemeenschap. Vanuit een wens, vanuit verlangen. En niet omdat het moet omdat iemand anders zijn uitkering kwijt raakt (angst dus).

In dialoog met de uitkeringsgerechtigde

Deze economische crisis met zijn grote gebrek aan betaalde banen biedt ons de mogelijkheid om anders naar werkelozen te kijken en hun ook op een andere manier te benaderen. Deze andere manier is de nieuwe basis voor de activering van uitkeringsgerechtigden naar werk. Dat zou een betaalde baan kunnen zijn, maar is niet het eerste uitgangspunt. De vraag die we vanuit oprechte dialoog aan bijstandsgerechtigden zouden kunnen stellen is; wat zou jij op dit moment kunnen bijdragen aan de gemeenschap? Door de casemanager wordt hier serieus en met interesse naar gevraagd zodat na een gesprek een waarachtig beeld ontstaat van de kwaliteiten, de capaciteiten, de mogelijkheden en beperkingen van de betreffende persoon.

Dan komt de volgende stap. Deze kwaliteiten worden direct ingezet in de buurt of de wijk waar deze persoon woont. De buurt wordt de plek waar de eerste, sociale activering van mensen zonder betaald werk gaat plaats vinden. Het gesprek met de casemanager zou ook in de buurt of wijk plaats kunnen vinden, bv. in het voormalig buurtcentrum dat als kern dient voor deze nieuwe vorm van activering. Sociale Zaken zou namelijk een onderscheid kunnen gaan maken tussen casemanagers voor activering en casemanagers voor rechtmatigheid. Activering vindt plaats vanuit de buurt of wijk, uitkeringsgerechtigden worden hier uitgenodigd voor gesprekken. Rechtmatigheid kan centraal plaatsvinden op het stadskantoor of hoe dit ook gaat heten in de toekomst. Sociale Zaken kan kijken welke casemanagers geschikt zijn voor de ene functie en welke voor de andere. Activering begint in de buurt of wijk

De eerste activering van uitkeringsgerechtigden zal dus beginnen in de directe omgeving van de buurt of wijk. Het werk dat in de wijk zal ontstaan heeft te maken met duurzaamheid, met gezonde voeding, met het reduceren van de uitgaven van de bewoners, met hergebruik en reparatie van bestaande producten. Dit helpt namelijk aan twee kanten. Op de eerste plaats kan de uitkeringsgerechtigde zijn kwaliteiten direct in de buurt in zetten en ten tweede zullen deze activiteiten hem helpen om zijn kosten te drukken. We denken hierbij aan de volgende activiteiten, initiatieven;

  • een grote moestuin waar mensen (betaald werkenden en uitkeringsgerechtigden) in kunnen werken, maar ook hun groentes kunnen plukken voor het avondeten.
  • een eet plek in het eerder genoemde buurtcentrum, waar meerdere malen per week gekookt en gegeten wordt met de groentes uit die moestuin. Uitkeringsgerechtigden kunnen hier werken, er kan door bewoners uit de buurt worden gegeten. Het is een plek waar ontmoeting en uitwisseling plaats vindt. Nogmaals; de gemeente hoeft dit niet te organiseren, maar het wel te faciliteren.
  • reparatieplek voor kapotte spullen (hier zijn ook reeds voorbeelden van in Tilburg).
  • een plek waar je spullen kunt ruilen, zou allemaal in dat buurtcentrum kunnen.
  • een verzamelbak waar vragen van buurtbewoners en aanbod van uitkeringsgerechtigden, maar ook mensen met een baan die vrijwilligerswerk willen doen, samen komen. Digitaal te bekijken.
  • in het buurtcentrum bieden uitkeringsgerechtigden vanuit hun creatieve vermogen workshops en cursussen aan op diverse gebied vanuit het eigen talent en interesse. Eenmanszaakjes van uitkeringsgerechtigden worden ondersteund. Er ontstaat een bonte bedrijvigheid, waarbij een uitwisseling plaats vindt tussen kwaliteiten, talent en goederen.
  • per buurt zullen er activiteiten ontstaan, omdat het karakter van iedere buurt anders is.
  • mensen zonder baan en met baan werken samen, bv. in het verzorgingstehuis waar dusdanig wordt bezuinigd dat de betaald werkende geen tijd meer heeft om een praatje te maken met een bewoner. Een uitkeringsgerechtigde kan dit gat opvullen. Kinderopvang is een ander voorbeeld, waar uitkeringsgerechtigden iets kunnen betekenen voor mensen met een baan.

Zo ontstaat het beeld van een nieuwe dynamiek in de wijk, die nu reeds sporadisch in de stad aanwezig is. Een economisch vrije zone, waarin een uitwisseling plaatsvindt van kwaliteiten, talent en goederen met gesloten beurzen die het mogelijk maakt dat uitkeringsgerechtigden zich enerzijds dienstbaar maken aan de maatschappij en die anderzijds kosten bespaart voor mensen met weinig geld. Op deze manier naar werk kijken, namelijk vanuit de eigen inbreng, de eigen verantwoordelijkheid, de eigen motivatie van de uitkeringsgerechtigde, maakt het mogelijk dat er geen werkeloosheid meer bestaat. Puur omdat werkeloosheid niet meer gekoppeld is aan het wel of niet hebben van een betaalde baan. Het baan-denken wordt als eenzijdig kader losgelaten en wordt vervangen door de mens, zijn potentie, kwaliteiten en talent als uitgangspunt te nemen.

Vanuit deze situatie dat uitkeringsgerechtigden actief zijn in de eigen wijk of buurt is het voor de casemanager die verantwoordelijk is voor de activering veel makkelijker in te schatten wanneer en hoe deze klant de stap kan zetten naar betaald werk. Dit hoeft dan niet zo’n lang of uitgebreid traject te zijn, maar kan direct gekoppeld zijn aan betaald werk. Een ervaringsplek binnen een bedrijf, evt. in de wijk of buurt zelf, een stage, een proeftijd, een daadwerkelijke baan. Zo wordt voorkomen dat er mensen op traject worden gezet die daar nog niet aan toe zijn of waarvoor dit niet geschikt is. Dit bespaart geld, maar scheelt ook frustratie bij zowel de casemanager als de uitkeringsgerechtigde. Ik durf te wedden dat deze manier, deze nieuwe manier van activering waarbij de mens, zijn motivatie, zijn kwaliteiten en talent centraal staat en niet het geld of het verdienmodel uiteindelijk meer mensen aan een baan helpt dan nu het geval is met de oude manier van activering en re-integratie.

Transitie en duurzame energie
Activering op een nieuwe manier vanuit een nieuwe manier kijken naar werk en werkeloosheid is een onderdeel van transitie. Een ander deel is duurzaamheid. Dit valt wellicht niet direct onder het kopje Sociale Zaken of re-integratie, maar maakt wel deel uit van de kostenbesparing van uitkeringsgerechtigden, waardoor wellicht op lange termijn ook de uitkeringen omlaag zouden kunnen, omdat de eerste levensbehoeftes een stuk goedkoper zijn geworden. Het gaat hier over de mogelijkheid om woningen duurzamer, energie zuiniger te renoveren en te bouwen. De gemeente Tilburg zou hier woningbouwverenigingen toe kunnen oproepen en evt. financieel belonen. Zonnepanelen, windenergie, aardwarmte zijn hier mogelijkheden. Wat er momenteel ontstaat in bv. de wijk Armhoefse Akkers (De Energiefabriek) is het collectief aanschaffen van zonnepanelen. Stichting stadstuin Theresia zou dit ook willen realiseren!
Wat de gemeente Tilburg daarnaast nog zou kunnen stimuleren is het mogelijk maken voor mensen met een baan om 1 dag vrijwilligerswerk te doen in de buurt of wijk. Men zou bedrijven en organisaties in Tilburg hiervoor financieel kunnen belonen. Transitie is niet alleen iets voor mensen zonder baan. Mensen met een baan zijn vaak overbelast en komen niet toe aan een sociale bijdrage aan de directe omgeving. Terwijl ze dit bv. wel heel graag zouden willen. Zo ontstaat er ook voor hen een gezondere balans tussen privé en werk.

hebben en zijn

Af en toe kan ik ervaren dat ik vanuit het geestelijke ben ingedaald in het materiële. Dat mijn oorsprong, mijn afkomst niet ligt in dit materiële, maar in het geestelijke.  Als ik me dit herinner, me bewust ben, krijg ik ook contact met wat ik hier te doen heb op aarde, in dit leven. Mijn roeping. Mijn vraag, zoals ze dat in de antroposofie zeggen. We waren vorige week bij de introductiemiddag van de middelbare vrije school in Eindhoven, Novalis, waar onze zoon Bo naar toe gaat in augustus. Er was een mooie lezing voor de ouders, waarin werd verteld dat het doel van deze school is om de leerling te brengen bij de vraag die hij of zij heeft in dit leven.

Als ik me bewust ben van mijn oorsprong, vindt er een verwondering plaats over alles wat ik zie. De natuur, de luchten, de wolken die door de lucht zweven. Alsof ik alles in het moment voor het eerst zie. Het is niet zo gek dat we als mens zo geobsedeerd zijn door de materie, ook al verliezen we er ons soms in en vergeten we waar we vandaan komen. Ik neem deze materiële werkelijkheid waar, omdat ik vanuit het geestelijke ingedaald ben in mijn lichaam. Dit lichaam als tijdelijke behuizing van mijn eigenlijke ik, die zijn oorsprong vindt in het geestelijke, immateriële. En alles wat wij volgens mij te doen hebben is deze materiële wereld lief te hebben. Het doel is niet om het lichamelijke, het materiële te overstijgen, maar om het lief te hebben. Dit bewustzijn, wat ik af en toe ervaar, maakt me eigenlijk gelukkig. Dan ben ik even in twee werelden tegelijkertijd. Het misverstand is dat we denken dat de materiële wereld ons gelukkig kan maken, bv. door dingen te bezitten. Hebben is eigenlijk een gekke neiging, een gekke kronkel. Vanuit de conditionering in onze kapitalistische maatschappij die gebaseerd is op bezit is dit de normaalste zaak van de wereld, maar misschien is dit helemaal niet zo’n vanzelfsprekendheid als wij wel denken. Het is mooi hoe de eerste christelijke gemeenschap beschreven wordt in de Handelingen van de apostelen (laatste stukje hoofdstuk 2). De vele tekenen en wonderen die de apostelen verrichten, vervulden iedereen met ontzag. Allen die het geloof hadden aanvaard, bleven bijeen en hadden alles gemeenschappelijk. Ze verkochten al hun bezittingen en verdeelden de opbrengst onder degenen die iets nodig hadden. Elke dag kwamen ze trouw en eensgezind samen in de tempel, braken het brood bij elkaar thuis en gebruikten hun maaltijden in een geest van eenvoud en vol vreugde.

Het doet me denken aan een gedicht van Eduard Hoornik. Het was een van mijn favoriete gedichten tijdens mijn middelbare school.

Op school stonden ze op het bord geschreven,
het werkwoord hebben en het werkwoord zijn;
hiermee was tijd, was eeuwigheid gegeven,
de ene werklijkheid, de andre schijn.

Hebben is niets. Is oorlog. Is niet leven.
Is van de wereld en haar goden zijn.
Zijn is, boven die dingen uitgeheven,
vervuld worden van goddelijke pijn.

Hebben is hard. Is lichaam. Is twee borsten.
Is naar de aarde hongeren en dorsten.
Is enkel zinnen, enkel botte plicht.

Zijn is de ziel, is luisteren, is wijken,
is kind worden en naar de sterren kijken
en daarheen langzaam worden opgelicht.

Ieder mens heeft wel zijn vorm of manier om zich te verliezen in het materiële, om te vergeten dat zijn of haar oorsprong in het geestelijke ligt. Met het stijgen van de temperatuur de afgelopen weken, laaide ook mijn gevoel van begeerte op. Het is een gevoel dat ik als man goed ken en dat de neiging heeft om een eigen weg te gaan, mij met zich mee nemend, jagend naar dat wat mijn begeerte in zijn vizier heeft. Het is soms een grote worsteling om in balans te blijven als ik me gevangen voel zitten in deze begeerte. Als het me lukt om dit sterke gevoel goed waar te nemen, te bestuderen, word ik me bewust dat deze begeerte een lege huls is. De begeerte wil iets hebben, bv. die mooie vrouw daar op straat met een opwaaiend zomerjurkje, maar tegelijkertijd merk ik dat het hebben de begeerte niet oplost. Het hebben van wat ik begeer, verlost of vervult de begeerte niet. Alsof de begeerte een illusie is of anders gezegd; het beeld dat het najaagt is een illusie. Ik heb als man namelijk beelden ontwikkeld van hoe een vrouw moet zijn. Het is een beeld in mijn hoofd en ik probeer de werkelijkheid te manipuleren naar dat beeld. Het is een beetje hetzelfde als met bezit. Ik denk dat het bezitten van dat huis mij gelukkig maakt, dat grote huis daar, vrijstaand in een mooie wijk met een zwembad achter in de tuin. Als ik het dan bezit moet ik het behouden en zet ik een groot hek rond het huis en camera’s die de omgeving in de gaten houden. Bezit maakt me onrustig, want ik ben bang om het te verliezen. Ik ervaar geen vrede. Het is een buitenkant zonder binnenkant.

Als ik mijn begeerte als man onderzoek, merk ik dat ik ben opgegroeid in het beeld dat de vrouw mij moet dienen als man, dat zij moet aansluiten bij mijn begeerte. Veel vrouwen hebben ook het beeld dat zij de man moeten dienen. In dat beeld geeft de vrouw en ontvangt de man. Ik kom er steeds meer achter dat dit beeld niet klopt, niet klopt met de werkelijke energie die er is tussen man en vrouw. Wat ik werkelijk verlang is om me vanuit mijn begeerte over te geven aan een vrouw, aan de vrouw die ik lief heb. Op dat moment komen de  liefde en mijn begeerte samen en krijgt mijn begeerte een andere richting. Hierbij is het belangrijk dat de vrouw aanwezig is en zich dus juist niet weggeeft, niet geeft. Maar in haar eigen energie aanwezig is met haar eigen begeerte, met haar eigen, persoonlijk genot. Dus niet gericht zijn op de begeerte van de man en zich daaraan aanpassen. Als ze bij zichzelf is, komt ze bij haar eigen, ontvangende energie en kan de man ontvangen. Voor de man is het dan belangrijk dat hij zijn begeerte beheerst, niet onderdrukt, maar bundelt en afstemt op het ritme van de vrouw. Hierin komt geest en lichaam samen als zijnde andere energieën met een ander ritme. Dit heb ik geleerd met vallen en opstaan, maar nog steeds is het een hele kunst om mijn eigen begeerte te beheersen en af te stemmen op de vrouw en niet verstrikt te raken, gevangen te zitten in de sterke kracht van mijn begeerte. Mijn begeerte maakt soms rare kronkels, omdat deze persoonlijke begeerte ook gevormd is door mijn verleden. Daar zit pijn, de pijn vanuit het gezin waarin ik ben opgegroeid. Pijn, minderwaardigheid, eenzaamheid, afgescheidenheid, me verloren voelen, in de steek gelaten, de overtuiging dat de liefde er niet is voor mij. Deze pijn als mens is ook de pijn als man. Het paradoxale is dat de liefde met juist brengt bij deze pijn, bij het onder ogen zien van deze pijn. En bij het aanvaarden van mezelf en de wegen die ik ga vanuit deze minderwaardigheid, deze afgescheidenheid. In mijn gedachten, in mijn gedrag.

Pas had ik een bijzondere ervaring tijdens mijn ochtendmeditatie. Ik voelde plots een diepe vriendschap vanuit het geestelijk deel van mezelf, vanuit de liefde. Een ervaring van de volmaakte vriendschap. Zoals ik al wel eerder heb gehad met zo’n ervaring, was dit een gevoel dat ik helemaal niet kende. Logisch, want de vriendschap van mensen is niet volmaakt, maar deze wel. Het voelde als een vriend bij wie ik mijn verhaal kwijt kan plus de emotie die daarbij hoort. Iemand die er helemaal voor me is. De ideale vriend. Het grappige was dit ik daarvoor een aantal dagen geworsteld had met mijn situatie, onze financiële situatie, de richting van mijn werk. Ik vroeg me af hoe ik nu wist of ik op het goede spoor zit, omdat er zo weinig bevestiging van buitenaf komt in deze tijd. Weinig geld, weinig klanten etc. Eigenlijk wilde ik een teken, een teken van buitenaf. En dan plots krijg ik zo’n ervaring als teken van binnenuit zou je kunnen zeggen.

Dit is waar de liefde me bij brengt, bij de diepe aanvaarding van wie ik ben, in mijn volmaaktheid en mijn onvolmaaktheid. Dat ik die beiden onder ogen zie. Tegelijkertijd, dat ik een lichtwezen ben, gemaakt van geest, van liefde en van de aarde ben, omdat ik in dit lichaam ben geboren. Worstelend met van alles en nog wat. Een apart punt om te ervaren dat het er tegelijkertijd allebei kan zijn. Ik denk en verwacht dan dat als de volmaaktheid er is, de onvolmaaktheid is verdwenen. Maar nu ervaar ik dat de volmaaktheid de onvolmaaktheid in zichzelf opneemt, aankijkt, aanvaard, zelfs liefheeft. Daar moet ik nog even aan wennen. En het brengt me op het spoor van wat ik hier op aarde te doen heb, vanuit de compleetheid, de volledigheid en de eenvoud van wie ik ben.

 

transitie

Het is goed om me telkens weer te herinneren dat er een punt in mij is waar ik word lief gehad, onvoorwaardelijk word liefgehad. Het is het punt waar ik me bewust ben dat het zichtbare een manifestatie is van het onzichtbare. Achter alles dat ik zie, zit een geestelijke wereld vol energie, vol kracht, vol liefde. In dit punt ben ik emotioneel onafhankelijk. In dit punt begint mijn groei als mens naar het beeld, de blauwdruk, het meest volmaakte plaatje van mijn leven waar ik helemaal tot mijn recht kom, samen val met mezelf en me tegelijkertijd verbonden voel met de wereld om me heen. In dit punt begint mijn ware individualiteit, die mij onderscheidt van het collectief waarin ik ben opgegroeid. Heb ik altijd contact met dit punt? Nee, zeker niet, maar het naar mijn vermogen contact ervaren van dit punt is wel de beste en belangrijkste ervaring die ik in mijn leven heb gehad.

Ik maak me eerlijk gezegd zorgen over het collectief opblazen van emoties, die in eerste instantie behoren tot het individu en tot de privésfeer. Als collectief hoppen we van de ene emotie naar de andere, aangewakkerd door de journalistiek, die volgens mij als belangrijkste belang heeft om nieuws te verkopen. Zo hoog mogelijke kijk- of verkoopcijfers te scoren. Ik vind het vaak al moeilijk om mezelf te ervaren, om mezelf te voelen. Zeker als ik me in de wereld beweeg, al is dat maar de wereld van een kleine stad als Tilburg. Voelen is in onze maatschappij een groot taboe. Miljoenen mensen slikken pillen om hun pijn maar niet te voelen en dan gaat het vaak over gewoon menselijk verdriet na het verlies van een dierbare bijvoorbeeld. In plaats van dit individuele gevoel, krijgen we een collectief surrogaat voorgeschoteld in de vorm van bijvoorbeeld Koninginnedag inclusief inhuldiging nieuwe Koning, Eurosongfestival, volgend jaar Oranje op de WK in Brazilië. Maar ook het leed wordt collectief ervaren in de vorm van de vermissing van twee broertjes in een afschuwelijk familiedrama. Deze individuele tragedie wordt onbeschaamd uitgevent. Hele volksstammen pluggen in en voelen mee, waarbij de vraag is of dit te maken met een werkelijk authentiek gevoel of dat deze collectieve emotie de eigen, individuele gevoelens vervangt. Het is namelijk veel makkelijker mee te voelen met een anders geluk of leed, dan de eigen pijn of het eigen geluk werkelijk toe te laten. Vandaag zette ik de radio aan en ik werd terstond misselijk, het volgende drama had zich reeds aangekondigd; een aantal verwoestende tornado’s in de Verenigde Staten. De wereld is een dorp geworden, we voelen met alles mee, maar zijn niet in staat om werkelijk onszelf te ervaren, onszelf als individu, als persoon, als waardevol en liefdevol mens. Misschien als idee, maar niet als ervaring. Ik weet namelijk zelf hoe moeilijk dit is en geen vanzelfsprekendheid!

Vorige week werd door een aantal vrouwen, waaronder minister Bussemaker en oud politica Femke Halsema een pleidooi gehouden voor de economische onafhankelijkheid van vrouwen. Zij hebben een punt. Een aantal van mijn klanten van WerkWaardig hadden veel last van de scheiding van hun echtgenoot, waarna zij zonder geld en middelen achterbleven en moesten rondkomen van een uitkering. Ze hadden zich opgeofferd om voor de kinderen te zorgen, maar dat werd en wordt nog steeds niet in geld uitgedrukt zoals veel zorgtaken ook niet economisch worden uitgedrukt. Alsof deze geen waarde hebben. Tegelijkertijd hanteren Bussemaker en Halsema nog een gedachtegoed waarbij economie en economische onafhankelijkheid het hoogste doel is. De kapitalistische economie, waarin individueel bezit en winst maken het uitgangspunt vormt, als meest ideale samenlevingsvorm. Wat mij betreft is dit een verouderd kader, dat op dit moment geen scheurtjes vertoont, maar eigenlijk behoorlijk op instorten staat, al willen vertegenwoordigers van dit gedachtegoed ons anders doen geloven. Alles heeft met vertrouwen te maken en juist het vertrouwen in dit kader met het mens- en wereldbeeld dat hieraan ten grondslag ligt, is met een rap tempo aan het verdwijnen. Het is wat mij betreft zinloos om alle energie te stoppen in het herstel van dit kader, deze kapitalistische structuur. Het is tijd om een stap te zetten naar het organiseren van onze samenleving vanuit een ander uitgangspunt, dat meer recht doet aan ons als mens in plaats van de heilige koe van onze huidige samenleving; geld. Het typische is dat een zelfde kritiek deze week door de nieuwe paus van de katholieke kerk werd verwoord. Dit is wat hij zei; geld moet ten dienste staan en mag niet overheersen. Wij kunnen geen dictatuur aanvaarden van het geld over de mens en de samenleving. Vaak vergeten wij dat de ultieme oorzaak van de financiële crisis een dieperliggende menselijke crisis is. De aanbidding van het ‘gouden kalf’ waarover het (bijbelse) boek Exodus (32, 15-34) het heeft, heeft een nieuwe en harteloze variant gevonden in de cultus van het geld en de dictatuur van een economie die niet langer de mens als uiteindelijk doel heeft. Daarbij wordt de mens gereduceerd tot een consument. Ethiek – en zo uiteindelijk ook God – worden verworpen.

Ik geloof niet dat het onze grootste verantwoordelijkheid als mens is om economisch onafhankelijk te zijn, zoals Bussemaker cum suis beweren. Ik geloof dat onze grootste verantwoordelijkheid is om met ons hart te leven en te werken. Mijn stelling is dat het beter is om onbetaald vanuit het hart te werken dan betaald zonder hart! Onze grootste taak als mens is om liefde te produceren, daarom zijn we hier op aarde. Om de liefde door te geven die aan ons gegeven wordt. Dan moet je natuurlijk op de eerste plaats deze liefde kunnen ervaren. En dat is niet makkelijk. Want die liefde die we natuurlijk allemaal wel willen, houdt ons tegelijkertijd een spiegel voor. En in die spiegel zien we wie we zijn, in onze volmaaktheid, maar ook in onze onvolmaaktheid. Het is het moeilijkst om deze waarheid te zien en te aanvaarden. Zonder oordeel, zonder criticus hiernaar te kijken en juist op dit punt de liefde toe te laten. We kunnen vaak niet geloven dat er van ons wordt gehouden zoals we zijn, we vinden onszelf deze liefde niet waard. Het zijn de valse overtuigingen die een muur vormen tussen onszelf en de liefde die ons omringt. Alles is in wezen van liefde gemaakt, inclusief wijzelf. Ook dat is moeilijk te zien in een wereld die wordt overspoeld door industriële en kunstmatige producten. Gemaakt door een industrie waar steeds meer wordt bezuinigd op menselijke arbeid. Handen die juist deze fundamentele en onmisbare liefde kunnen toevoegen aan een product!

Als we de liefde wel kunnen toelaten en doorgeven, verandert er direct iets. Er vindt als het ware een transformatie plaats. En die mogelijkheid, dat vermogen, dat is wat ons mens maakt. Doe alles wat je doet met de liefde en aandacht die je in je hebt. Voor mij is daarin een van de beste oefeningen koken. En koken is voor mij veel meer dan alleen de handeling van het koken zelf. Koken begint voor mij bij de aantal uren die ik nu per dag in de moestuin rondbreng van Pluk&Plenty. Ik schoffel, haal onkruid uit de tuin waar ik het niet wil hebben. Laat een aantal plantjes staan die zich hebben uitgezaaid; goudsbloem, klaproos, borrelia. Daarna plant ik wat koolplantjes, courgette- en pompoenplantjes. Het is rond 4 uur in de middag, de wind is gaan liggen en de wolken die heel de dag de zon aan het zicht ontrokken zijn plotseling verdwenen. De warmte van de zon is heerlijk, de vogels fluiten, ik voel me helemaal blij met dit moment. Voor het avondeten haal ik spinazie en raapsteel uit de grond. Bovendien een kropje sla en wat kruiden. Op het menu staat pasta met een saus van spinazie, raapsteel, champignons en fetakaas. Daarnaast een salade met naast de sla en kruiden uit de tuin, witlof en komkommer van Goei Eete met een dressing van mayonaise, geitenyoghurt en dille.

Niet altijd is mijn dag perfect, misschien 1 dag in de 2 weken en dat is eigenlijk al heel wat. Als ik dan in bed lig om mijn afsluitende meditatie te doen, kan ik me helemaal vervult voelen. Alsof de liefde en aandacht die ik in de dag heb gestopt, nu helemaal bij mezelf terugkomt en me vervult. Ik moet denken aan het moment dat de zon net is ondergegaan en het lijkt alsof de natuur, de bomen, het groen van de struiken en planten nog licht geeft. Alsof de natuur het licht wat het die dag van de zon heeft gehad, teruggeeft, uitstraalt.
Klein is het nieuwe groot stond op het bord waarvoor Jan Rotmans een lezing gaf in de documentaire van Tegenlicht over transitie in Nederland. Voor het eerst was ik geraakt door dit begrip. Ik had wel gehoord van Transition Towns, maar kon daar weinig mee. Misschien door het hardnekkige gebruik van deze Engelse term, misschien door de mensen die zich onder deze noemer al snel verenigden. Nu echter viel voor mij het kwartje en werd ik me bewust dat ik eigenlijk al heel mijn volwassen leven in een transitie zit. Op de eerste plaats in mezelf, ik schrijf daar vaak over. Maar ook in mijn werkzame leven. Stichting Met hart en ziel bijvoorbeeld, 15 jaar geleden opgericht, waarin kwaliteiten van uitkeringsgerechtigden zichtbaar werden gemaakt. Lokaal. Ik heb me voorgenomen dit begrip transitie te gaan onderzoeken de komende tijd.Dit jaar is sowieso voor mij een overgangsjaar in mijn werk. Misschien is deze transitie voor mij wel een begrip waarmee ik mijn individuele groei kan verbinden met een vorm, een positie, een plek, een uitgangspunt in de wereld. Een vrij, lokaal netwerk, dat kwaliteiten en producten met elkaar verbindt. Misschien wel los van de huidige, door geld gestuurde economie. Maar puur als uitwisseling tussen mensen. Het is mooi dat er op de afvalresten van het verouderde economische kader nieuw leven ontstaat. Zoals op de compost van mijn moestuin de courgettes en pompoenen het beste groeien. Nieuw leven dat uitgaat van de vitaliteit en creativiteit van het individu, die samenwerkt met andere individuen en daardoor samen sterker is. Verschillende voorbeelden worden in de documentaire over transitie in Nederland gegeven! Mijn eigen eerste actie was om een van de oprichtsters van de transitie beweging in Tilburg te ontmoeten, Irma Lamers. Daarna werd ik lid van Goei Eete, waarmee ik de nog ontbrekende groentes van Pluk&Plenty voor mijn gezin aanvul en daarmee minder bij AH hoef te kopen. En tot slot heb ik besloten om de rijpe groentes van Pluk&Plenty naar Tilburg te brengen. Ik word daar heel blij van! Houd facebook in de gaten voor een volgende keer.

troonwisseling

De mooiste maand van het jaar is begonnen. De groene velden kleurden dit weekend geel van de paardebloemen en onze krentenboom ging vol in bloei. Al voor de mei-vakantie deze week begon, had ik al een tijdje een vakantiegevoel. Ik was heel de dag bezig, maar had niet het gevoel dat ik werkte. Dit begon een aantal weken geleden toen het duidelijk werd dat twee potentiële werkprojecten niet door gingen. Ik voelde me tegelijkertijd teleurgesteld, erg teleurgesteld, want in een van de projecten heb ik twee jaar lang veel energie gestopt. Maar tegelijkertijd voelde ik een soort opluchting en vreugde. Er ontstond nu de ruimte om te onderzoeken wat voor nieuw product ik wil gaan ontwikkelen. Bovendien voelde het goed om me nu helemaal te richting op de gezamenlijke praktijk met mijn vrouw Gebi; praktijk Mens&Groei, die we vanaf dit jaar zijn gestart.

Het lijkt alsof deze situatie voor me wordt georganiseerd, aangereikt van hoger hand. In de twee projecten die niet doorgaan, zit namelijk nog steeds de afhankelijkheid van een externe opdrachtgever. Het lijkt alsof het nu echt tijd is mijn eigen product neer te zetten, wat ook voor een deel reeds gebeurt met de Praktijk Mens&Groei waar de gezamenlijke producten van Gebi en mij in gebundeld zijn. Het is voor mij een hele kunst me over te geven aan deze situatie en dit gevoel van ruimte en vakantie hebben. Dat ik niet heel hard hoef te werken voor het geld dat ik verdien. Dat ik mag meebewegen in de stroom waar ik blij van word en dat er genoeg geld is om van te leven.
Dat ik mag geloven dat als ik mijn verlangen, mijn hart volg dat ik dan precies krijg wat ik nodig heb. Dat ik mag uitgaan van overvloed in plaats van tekort. Overvloed betekent niet verspilling, want mijn ervaring van dit moment is dat we samen precies genoeg geld binnenbrengen om van te leven. Niet meer en niet minder.

De afgelopen week maakte ik voor Pluk&Plenty de eerste voorjaarssoep met het groen dat nu opkomt. Brandnetel, zevenblad, winterpostelein die aan het doorschieten is met in ieder blaadje een klein bloemetje, rucola, tijm, lavas. Nog wat overgebleven winterprei. Uit de winkel deed ik er nog bonen bij en een biologische lamsworst. Tijdens het maken van de soep werd ik me bewust van de energie die er in de ingrediënten zaten. Leven. Het leven van dit voorjaar. Dit is een belangrijk inzicht. Het maakt me bewust van de onzichtbare wereld die achter de zichtbare wereld verborgen zit. Het is deze onzichtbare wereld vol energie, vol liefde zelfs, die vooraf gaat aan het zichtbare. De onzichtbare wereld schept de zichtbare, de materiële werkelijkheid. En als ik me dat bewust ben, geeft deze soep me ook dat leven, die energie.

Met de ochtend oefening, die ik elke dag doe, maak ik een connectie met deze onzichtbare wereld, met mijn geestelijk deel, mijn essentie, de liefde die overal in aanwezig is. Ik heb het hier niet over een romantisch of een sentimenteel soort Hollywood liefde. Maar de energie, de elektriciteit, de onzichtbare scheppingskracht die overal in aanwezig is. En waar ik en ieder mens dus contact mee kan maken. Alsof ik iedere ochtend aan een knop draai zoals die van de radio en probeer de juiste zender te vinden. En als me dat dan lukt, word ik telkens weer geraakt door dat persoonlijke moment van contact. Dit is de kracht, de energie waar ik uit voortkom en ook weer naar terugkeer. Het is de kracht die mij schept, niet alleen toen ik in de buik van mijn moeder zat en uit haar ben geboren. Maar ook nu word ik geschapen. Iedere dag en ieder moment weer. Het is fijn als ik me dat weer bewust word. Het zorgt ervoor dat ik me verbonden voel met het geheel en dat ik me bewust ben dat ik op mijn manier mijn steentje bijdraag aan dit geheel.

Vanuit dit bewustzijn kreeg ik het verlangen om de psalmen te gaan lezen, die in de bijbel staan. Ze kregen voor mij een nieuwe betekenis, omdat ik ze ging lezen vanuit het idee dat misschien ook de schrijver deze teksten schreef vanuit het bewustzijn dat aan al het zichtbare, het onzichtbare, het geestelijke, God als je wilt, vooraf gaat. Dat het niet zozeer om God gaat, maar wel om dit bewustzijn. Laat ik hier toch vooral aantekenen dat ik niet iemand ben die voortdurend in dit ruime bewustzijn verkeer. Ik ben eerder een reiziger die tussen de verschillende bewustzijnslagen heen reist en daarbij hoop dat ik niet te lang vast blijf zitten in een bewustzijn dat me benauwt, vernauwt. Want zo ruim als ik soms mijn bewustzijn ervaar, zo nauw kan het ook zijn als ik word overvallen door mijn angst en ik me door de nauwe poort van dit bewustzijn moet wringen. Soms word ik geplet, plat getrapt, zo voelt dat. Daar gaan trouwens ook sommige psalmen over die als je ze goed leest een afspiegeling kunnen zijn van innerlijk leven.

Psalm 139 is een van mijn favoriete teksten.
God, u kent mij, u doorgrondt mij, u weet het als ik zit of sta, u doorziet van verre mijn gedachten.
Ga ik op weg of rust ik uit, u merkt het op, met al mijn wegen bent u vertrouwd.
Geen woord ligt op mijn tong, of u, God, kent het ten volle.

U omsluit mij, van achter en van voren, u legt uw hand op mij.
Wonderlijk zoals u mij kent, het gaat mijn begrip te boven.
Hoe zou ik aan uw aandacht ontsnappen, hoe aan uw blikken ontkomen?

Klom ik op naar de hemel – u tref ik daar aan, lag ik neer in het dodenrijk – u bent daar.

Al verhief ik mij op de vleugels van de dageraad, al ging ik wonen voorbij de verste zee, 1ook daar zou uw hand mij leiden, zou uw rechterhand mij vasthouden.

Al zei ik: ‘Laat het duister mij opslokken, het licht om mij heen veranderen in nacht,’ ook dan zou het duister voor u niet donker zijn – de nacht zou oplichten als de dag, het duister helder zijn als het licht.

U was het die mijn nieren vormde, die mij weefde in de buik van mijn moeder.
Ik loof u voor het ontzaglijke wonder van mijn bestaan, wonderbaarlijk is wat u gemaakt hebt.

Ik weet het, tot in het diepst van mijn ziel.

Toen ik in het verborgene gemaakt werd, kunstig geweven in de schoot van de aarde, was mijn wezen voor u geen geheim.

Uw ogen zagen mijn vormeloos begin, alles werd in uw boekrol opgetekend, aan de dagen van mijn bestaan ontbrak er niet één.

Als ik dit lees vanuit het bewustzijn dat aan al het zichtbare het onzichtbare, het geestelijke, de scheppingskracht, de liefde vooraf gaat, dan word ik heel blij. Zoals er in meer psalmen echt gejubeld wordt. Er wordt gejubeld vanuit dat bewustzijn. Dat het volgende moment weer gesloten kan zijn, omdat er vijanden opdoemen die me naar het leven staan. Dat is als ik weer in een nauwer bewustzijn ben beland en achter iedere boom een vijand zie. Wat in feite weer een projectie is van mijn eigen oordeel, mijn eigen criticus. Zo is alles in mijzelf, in onszelf aanwezig. Zowel het ruime als het nauwe bewustzijn.
Het is fijn dat ik ook dit soort ervaringen heb, waarbij ik een balans, een innerlijk gevuld zijn ervaar naast mijn ervaring van persoonlijk lijden, waar ik het in een vorig artikel over had. Het is kenmerkend voor hoe ik mijn menselijke groei ervaar dat in dit proces er een afwisseling plaats vindt tussen een ruim bewustzijn en een nauw bewustzijn. Als een soort ademhaling, als een eb en vloed, als een volle en nieuwe maan. De balans, de momenten van geluk maken me sterk, geven me bodem om daarna de momenten van disbalans te kunnen dragen. Het is dan de kunst om het gevoel van leegte toe te laten en niet de afleiding buiten mezelf te zoeken in alles dat de wereld me aan verleidingen aanbiedt. Dit lijden heeft ook nog het bijkomend effect dat ik me op een gelijkwaardige manier kan inleven in het lijden van de ander. Daar niet boven sta!

De leegte trekt een spoor in me, maakt een opening dat alleen maar door de liefde kan worden opgevuld. Dat is wat ik telkens weer leer. In mijn proces van menswording bereidt deze liefde in mij een troon voor, een troon waar de liefde recht op heeft, de rechtmatige eigenaar van is. Het is mijn ego die de liefde van deze troon heeft verwijderd, mijn ego die eigenlijk een valse plek inneemt. Een mysterieus gegeven in ons mens-zijn. Het is daar waar een troonwisseling plaats dient te vinden, net zoals dat deze week gebeurde in Nederland. Het was mooi dat de nieuwe koning Willem-Alexander refereerde aan verschillende menselijke waarden, zoals vertrouwen en respect, ruimte voor talentontwikkeling, dienstbaarheid. Het is de herinnering aan onze eigen essentiële kwaliteiten, die we allemaal bij onszelf van binnen kunnen vinden. De kunst is hierbij om tegen al deze kwaliteiten IK te zeggen en deze niet buiten onszelf te projecteren. We mogen onszelf op de troon van ons eigen leven plaatsen. We mogen zelf de koning van ons leven zijn. Het is het beeld dat ieder mens de koning is van zijn eigen leven en het licht uitstraalt dat bij deze status past. De aarde zou een zon worden! Kijk maar eens naar het slot van The Lord of the Rings of ga deze vakantie naar The Croods. Hij draait in de bioscoop.

Tot slot van dit artikel een eigen psalm die ik deze ochtend schreef.
Soms is mijn bewustzijn in nevelen gehuld.
Het lijkt dan alsof ik in het dagelijks leven loop te slaapwandelen.
Met mijn hoofd in de wolken.
Het is alsof ik weer bij mijn ouders woon, gevangen in een oud gevoel, oude patronen, oude gewoontes.
Dan op een ochtend richt ik me op.
Voel ik me plotseling verlost van oude dekens.
Mijn bewustzijn richt zich in me op, helder, ontspannen.
Als een helder lichtje in de duisternis, als een klein plantje dat uit de donkere aarde omhoog komt.
Ik ben weer.
Ik ervaar me weer.

Gastenboek

Wilt u reageren? Onderaan iedere blog heeft u hiertoe de mogelijkheid.
Daarnaast kunt u een email sturen naar: tomribbens@mac.com