2011

geluk in 2012

Een jongen van 19 rent in een vol stadion het veld op en valt een keeper aan. Een nog onbekende dader schiet voor een hotel twee mensen dood. Een splinternieuwe BMW haalt mij op de snelweg met 160 km per uur rechts in.Ik denk dat ieder mens uiteindelijk op zoek is naar geluk, hoe verwrongen die zoektocht soms ook is. Wij maken beelden en voorstellingen van hoe het is om gelukkig te zijn. Vaak streven we ernaar om in dat plaatje te passen en denken dan dat we gelukkig zijn. Toch gaat dat niet over wat mij, jou nu echt gelukkig maakt.

Om daarachter te komen is het noodzakelijk om met je aandacht naar binnen te gaan en jezelf de vraag te stellen; wat maakt mij nu gelukkig? Afgelopen woensdag hadden we met het project Natuurlijk Werken een kerstbijeenkomst op het Ooievaarsnest, een van de locaties van het project. Onderwerp was ‘geluk’. We stonden hier samen bij stil. Wat maakt jou nu gelukkig? Ik vertelde dat ik gelukkig ben op de momenten dat ik de liefde die er voor mij is kan toelaten. Als ik mezelf aanvaard zoals ik ben, vrede heb met mezelf en hoe mijn leven is. Dat is een heel eenvoudig, maar vervullend gevoel van binnen. Alsof ik gloei, straal.

Het is heel dubbel met geluk. Ik denk dat ieder mens op zoek is naar geluk. Ik denk dat elk streven, elke ambitie, elke motivatie uiteindelijk gericht is op dat doel. Maar als ik stil sta bij mijn eigen gevoel van geluk, voelt dat als iets dat onlosmakelijk verbonden is met mezelf. Alsof het een erfrecht is, waar ik niet naar hoef te streven, omdat ik het als mens met mijn geboorte al heb meegekregen. Alleen ben ik door allerlei negatieve ervaringen in mijn leven van dat geluk afgescheiden geraakt en ben ik gaan geloven dat ik daar geen recht op heb. Dat ik dat geluk wat me eigenlijk toebehoort, niet waard ben. Dat ik slecht ben. Dat het geluk voor mij niet is weggelegd (wel voor anderen). Of dat ik eerst aan allerlei voorwaarden moet voldoen om dat geluk, die pot van goud, te mogen krijgen. Terwijl ik het geluk eigenlijk gewoon in bezit heb. Ik hoef er niet naar te streven, ik hoef het alleen maar toe te laten, als wezenlijk deel van mezelf. Ik streef naar geluk, ik streef naar gezien en gekend worden en eigenlijk is dat wat ik zo naarstig zoek buiten mezelf al in mezelf aanwezig. Ik ben al gezien, ik ben al gekend, ik ben al geliefd.

Is er dan helemaal niets meer te wensen als je gelukkig bent? Dat geloof ik niet. Ik denk dat het vinden van geluk juist alles te maken heeft met onze verlangens, met mijn liefste wensen. En ik denk dat het belangrijk is om de vervulling van deze wensen, wat je geluk zou kunnen noemen, te bestellen. Dit schreef Paolo Coelho in zijn boek De Alchemist; alles is een. Als je iets wilt, spant het hele universum samen om ervoor te zorgen dat je je droom verwezenlijkt. Maar je moet het wel kenbaar maken. Het geluk komt niet vanzelf naar je toe als je helemaal niets doet (en ondertussen klaagt dat je zo ongelukkig bent). Geluk is een soort gelijkwaardige samenwerking tussen jou en het universum of God of de liefde, zoals je dat ook noemt.

Onderdeel van de kerstbijeenkomst van het project Natuurlijk Werken was dat ieder op een papiertje zijn liefste wens(en) voor 2012 opschreef. We plakten ze allemaal op twee vuurpijlen en schoten deze de lucht in. Onderschat het niet wat de kracht van jouw wens kan doen! Bij het project zijn al heel wat wensen uitgekomen! Een van de deelnemers heeft zijn huidige vriendin gevonden en nog wel aan de andere kant van de aarde in Brazilië. Een aantal mensen werden tegen de verwachting in zwanger! Iemand vond het betaalde werk dat hij wenste. Je kunt wonderen doen met het opschrijven of uitspreken van je verlangens! Het vraagt moed om dit te durven doen, om de stap voorbij de angst te zetten dat je wens misschien niet vervult zou kunnen worden.

De angst om daarin gekwetst of pijn gedaan te worden. Bij deze dus mijn uitnodiging om stil te staan bij wat jou gelukkig maakt in 2012. Wat maakt jou gelukkig in 2012? Welk verlangen zou je vervuld willen zien? En ben precies, hoe concreter hoe duidelijk voor de grote vervuller van jouw wensen. Schrijf dit op een papiertje en verstop het ergens of schiet het met een vuurpijl af tijdens nieuwjaarsnacht!
Ik schreef eerder dat ik me gelukkig voel als ik de onvoorwaardelijke liefde kan toelaten die er voor me is. Een van de deelnemers aan project Natuurlijk Werken had woensdag een prachtige tekst meegenomen, die hij ooit had gekregen. Als je de smaak van deze liefde en het geluk dat dit geeft, wilt proeven, lees dan deze tekst;

Heeft iemand je wel eens verteld dat je helemaal goed genoeg bent?

Dat je mooi genoeg, lief genoeg, wijs genoeg, sterk en slim genoeg leeft?
Heeft iemand gezien dat je je best doet te roeien met de riemen die je hebt,
om te gaan met alles dat het leven je biedt en dat je met alles dat je nu weet en kunt het best mogelijke doet?

Heeft iemand je al eens gezegd dat je wel even pauze mag nemen,
even rusten, even voldaan zijn omdat je voldoende doet om te voldoen?
Fluistert iemand je steun en bemoediging toe zoals:
goed zo, toe maar, moet je doen, je mag nee zeggen, kom op, je kan het,
volhouden, je moet niks, laat maar los, het is goed, je durft het wel, wat je ook doet, ik sta achter je?

Strijkt er iemand heel zacht langs je wangen als je slaapt
en blijft diegene een tijdje glimlachend van bewondering en trots bij je bed naar je kijken?
Zingt iemand slaapliedjes wanneer je niet kunt slapen en kust iemand je wakker als je akelig droomt?
Is er iemand die blij is als je thuiskomt, en die je uitzwaait en succes wenst als je weggaat?

Is er iemand die het gefluister van je dromen hoort
en je aanmoedigt ze achterna te gaan en je bemoedigt wanneer je onderweg obstakels tegenkomt?
Is er iemand om je geluk mee te vieren, onbedaarlijk mee te lachen
en ook het zwartste zwart van je depressie mee tegemoet te treden?

Zegt iemand dat ieder gevoel dat je ervaart er mag zijn en dat alles ook weer voorbij gaat:
dat het na iedere winter ook weer lente wordt?
Houdt er iemand van iedere centimeter van je lijf:
van ieder romig vetrolletje en ieder mager plekje, van alles dat heel en stuk en gezond en ziek is?
Is er iemand die vindt dat je mag luieren, soezen, hangen, lanterfanten,
lummelen, rotzooien, flierefluiten en rommelen zonder dat ‘ het iets moet worden’ ?

Is er iemand die je toejuicht en zegt dat je :

vals mag zingen, gekker dan gek mag doen, rare kleren mag dragen,
glitters op mag als het jou uitkomt, je eigen smaak en stijl mag volgen,
niet mee hoeft in het gareel, mag gillen en keihard mag lachen,
af en toe mag spijbelen, bonbons mag smikkelen, luidruchtig, kleurrijk en ongewoon mag zijn?

Is er iemand die zeker weet dat jouw intuïtie altijd het beste met je voor heeft

en dat dit het kompas is waarop je wel vaart?
Is er iemand die blij is dat je bestaat en die je nooit zou willen missen omdat er niemand is zoals jij?

Weet iemand dat je altijd het beste doet dat je (op dat moment) kunt en is er iemand die dat goed genoeg vindt,
ook al kan het morgen misschien beter?
Is er iemand bij wie je tegelijk thuis bent en op avontuur,
iemand op wie je kunt bouwen zonder gevangen te zijn?

Is er iemand die teder fluistert dat je net zo perfect bent als een musje, een sneeuwvlok,
een regendruppel in de lente, een kusje van een kind?
Is er iemand die echt van je houdt? Ik wens nu dat jij diegene bent.
Ik wens je de ont-dekking: je was het zelf op wie je wachtte!!

Ik wens je veel moed, liefde, hoop en vertrouwen op de zoektocht naar jouw geluk in 2012!

natuurlijke groei

We eten nog steeds uit de eigen moestuin. Gisteren liep ik met de al vroeg ondergaande zon terug naar huis met een emmertje vol. Andijvie, paksoi, boerenkool, palmkool, prei, pastinaak. In de schuur liggen aardappelen en pompoenen. Oja, aardpeer haalden we donderdag ook nog uit de grond, een halve kruiwagen vol! Ik maak iedere week stamppot met de vreemdste combinaties, maar zelfs Moon, onze dochter van 7, eet er van.

Het jaar 2012 komt er snel aan. Deze week was ik bij mijn mesoloog, die mijn groeiproces ondersteunt op lichamelijk gebied met bv. homeopatische middeltjes. Mesologie heeft de ayurvedische geneeswijze als achtergrond. Ze vertelde dat vanuit deze visie 2012 en 2013 een spannende tijd is, waarbij opgebouwde zekerheden aan het wankelen worden gebracht (een zelfde idee als vanuit de mayakalender). Iets wat zichtbaar is op individueel en op collectief gebied. Ik merk het vanbinnen, maar ook in mijn directe werkomgeving, waar fors wordt bezuinigd en de inkomsten uit mijn werk voor volgend jaar onzeker zijn. Op wereld niveau probeert men met man en macht de bestaande orde overeind te houden. De grote vraag is of dit gaat lukken. De vraag is of de crisis die op verschillende gebieden zichtbaar en voelbaar is van tijdelijke aard is en we daarna gewoon weer op de oude manier doorgaan of dat we werkelijk in een overgangstijd zitten naar een nieuwe orde en een nieuwe manier van (samen)leven.

Deze tijd nodigt mij in ieder geval uit om me anders te verhouden tot mijn eigen leven. Deze zin kwam in me op deze week; ik ben bereid alles los te laten wat ik heb. Dat betekent niet dat ik ook daadwerkelijk alles los moet laten, maar wel dat ik de bereidheid heb. Van binnen. Eigenlijk alsof iedere dag mijn laatste dag is, die houding. Dat is wel wat ik voel in deze tijd voor mezelf, maar ook in het collectief. Misschien zou dat niet anders zijn als in het begin van een dreigende oorlog of als ik het bericht zou krijgen dat ik een ernstige ziekte zou hebben. Nu is het dan mijn eigen financiële onzekerheid ten aanzien van de toekomst. Soms voel ik me bang en schiet ik in een kramp en soms voel ik me blij van de grote ruimte die het me geeft. Mijn persoonlijkheid en essentie tegelijk. In die ruimte kan ik wachten vanuit een niet weten op iets nieuws dat komt. Wie weet wat er komt, iets nieuws, iets groots, iets dat helemaal bij mij past?

Het brengt me in ieder geval bij de vraag; wat is nu mijn thema, de kern van wat ik te bieden heb?

Mijn thema gaat over groeien. Over het feit dat mensen net zo groeien als planten. Daar bedoel ik mee, dat net als planten, mensen bepaalde ingrediënten nodig hebben om te groeien. Dat je mensen, net zoals planten niet kunt dwingen te groeien een bepaalde kant op. Dat het juist zo mooi is om die ingrediënten te vinden per persoon om dan die mens te zien groeien. Dat geeft mij een kick. Ik voel me soms een tuinman die om het tere stengeltje van het plantje heen voorzichtig het onkruid verwijderd, zodat er ruimte komt voor het plantje om verder te groeien. Zo wil ik met mensen omgaan, ik ben een echte groeibevorderaar. Wat doe jij? Ik bevorder groei. Wat is jouw thema, de kern van wat jij te bieden hebt aan je omgeving?Wat zijn nu onderdelen, ingrediënten voor een mens om te groeien?

Verlangen is een heel belangrijk onderdeel. Dat is nog niet zo makkelijk, want vind maar eens jouw authentieke verlangen. Je denkt dat je van alles verlangt, maar dat blijkt dan eigenlijk het verlangen van je vader, je moeder, je vriendin, je leraar op school, de reclame op de televisie. Al het verlangen dat niet van jezelf is, komt voort uit het opvullen van je tekort.Om bij je echte verlangen uit te komen, zul je eerst de pijn van je tekort moeten toelaten. Ieder mens heeft een tekort, een gevoel van tekort.

Dit is een onvermijdelijk gegeven van de schepping. Tekort of afgescheidenheid van de essentie. Afgescheidenheid van de liefde die ons omringt. In deze aandachtslaag, in deze aardse aandachtslaag met z’n dualiteit is afgescheidenheid onvermijdelijk. En dat doet pijn. Je kunt die pijn toedekken met allerlei patronen (volgens het enneagram zijn dat er 9). Of met het kopen van allerlei spullen, of met relaties of met het heel erg je best doen zodat ze je waarderen. En je denkt dan dat dit je eigen verlangens zijn, maar het zijn eigenlijk surrogaat verlangens. Pas als je de pijn toelaat van je tekort, van je afgescheidenheid van de liefde, dan kom je bij je verlangen uit.

Een crisis brengt iemand vaak bij die pijn. Of deze nu groot is of klein. Een kleine verstoring in de opgebouwde (schijn) zekerheid kan iemand al doen wankelen. Je kunt dan kiezen om het afgekrabde korstje weer snel toe te dekken met een volgend patroon of je kunt de pijn bewust toelaten. Eerst aanvaard je dan je tekort, je voelt de pijn ervan, je voelt je gemis en je verlangen is het antwoord. Dan komt jouw stengeltje boven de grond uit. Het zaadje onder de grond is open gegaan, au, pijn, het groeit eerst nog langzaam maar zeker naar boven in het donker totdat het boven de grond uitkomt, het licht ziet.
Dus verlangen is een essentieel onderdeel van de groei als volwassen mens.

Een tweede belangrijk onderdeel is een droom, het hebben van een droom. Het hebben van een gevoel van hoe jij je zou voelen als je helemaal volmaakt zou zijn, als jouw leven helemaal volmaakt zou zijn. Dat beeld. Want dat beeld, die blauwdruk, dat doet jouw stengel groeien naar boven, naar het licht. Het is toch een godswonder dat uit zo’n heel klein tomatenzaadje zo’n enorme grote tomatenplant groeit. Heb je dat weleens gezien, zo’n plant met soms wel 5 grote trossen tomaten, die groeit in mijn kas tot hoog boven mijn hoofd en als er geen dak op de kas zou zitten, zou die nog hoger groeien. Die kracht, die groeikracht.

Gezien worden is ook een essentieel onderdeel. Dat iemand jou ziet. In wie je in wezen bent. Dus groeien doe je niet alleen. Iemand moet je zien en je groeit ook samen met anderen die geven van hun talent en jij die hen geeft van jouw talent. Niet omdat het moet, niet omdat het moet van de economie, niet omdat het moet omdat je geld moet verdienen, omdat je door anderen aardig gevonden wilt worden, niet om iets op te vullen, nee, omdat je WIL. Omdat je speelt, omdat je schept. Creatief bent. Vrij bent. Gezien worden heeft met liefde te maken, kijken vanuit het hart. Kijken zonder oordeel, vanuit liefde die onvoorwaardelijk is. Dat een keer ervaren is ook essentieel voor menselijke groei.

Samengevat; in mijn ogen is voor groei nodig; verlangen, het hebben van een droom (jouw ideale plaatje van je leven en wie je bent), anders (= op een bewuste manier) omgaan met een crisis en gezien worden door liefde zonder oordeel, onvoorwaardelijk. Misschien weet jij nog meer ingrediënten die bijdragen aan menselijke groei?
Als je wilt kun je die toevoegen in het gastenboek (of hieronder).

Brengt de huidige, economische crisis onze bestaande orde aan het wankelen? Een bestaande orde waar veel zekerheid wordt gehaald uit het hebben van materie, welvaart en het behouden daarvan. Een aantal mensen ontlenen hun macht aan het opbouwen en behouden van deze welvaart (geld). Dit gaat vaak ten koste van innerlijke, menselijke waarden en de ruimte om als mens vrij te kunnen groeien naar wie je bent. Als een boom die groeit uit een zaadje tot een trotse, fiere, volwassen en volgroeide boom waar vogels in schuilen en hun nesten in bouwen. Misschien is dat wel de basis van een nieuwe orde, een nieuwe manier van samenleven met respect voor innerlijke en menselijke waarden.

nieuwe balans

Afgelopen week een prachtige herfstavond. Ik reed net van mijn werk naar ons huis op Landgoed Nieuwkerk. Het mooiste moment van de avond is vaak voor mij het moment dat de zon net onder is. Er is dan een soort stille aanwezigheid, alsof de dag sterft en de nacht geboren wordt. Er ontstond een mistlaag over de velden, waar de paarden graasden. De kleur van de avondlucht lichtte in al zijn schakeringen fel op. Het raakte me. Het raakte mijn essentie.

Zoals ik eerder die week geraakt werd door een ontmoeting met drie collega-coaches. We komen ongeveer om de twee maanden bij elkaar in een soort supervisiebijeenkomst. Het was een bijzondere ontmoeting waarbij de liefde en het respect voor elkaar uitnodigde om onszelf te laten zien in het proces van menswording. Ik vertelde over het diepste punt in mezelf dat ik niet meer wil loslaten. Het punt dat zowel mijn grootste belemmering en blokkade vormt om de liefde toe te laten, maar ook de deur, de toegang tot de liefde die er voor me is.

Vorig weekend op zondag voelde ik zo sterk mijn afgescheidenheid van de liefde. De benauwdheid, het oog van de naald, met mijn rug tegen de muur. Ik voelde het en het zinnetje kwam in me op: zo heb ik me als kind ook vaak gevoeld. Maar nu kon ik erbij blijven en het zelfs uitspreken aan Gebi. Zo voel ik me nu. Ik hoef geen zorg, geen medelijden, geen liefde die ik toen niet heb gehad. Maar zo voel ik me nu. Dit erkennen en het uit het isolement halen van die benauwdheid maakte het breder. Door mijn onverdeelde aandacht in dat moment en het aanwezig zijn bij die vernauwing, die heftige vernauwing, kwam er ademruimte. Zo voelde het vanbinnen.

Aan de buitenkant werd ik de afgelopen weken geconfronteerd met de gevolgen van de bezuinigingen die er in 2012 aan zitten te komen op het vlak van mij werk met WerkWaardig. De trigger was dat ik een belastingaanslag kreeg, waarvoor ik bang was dat ik mijn reserves zou moeten aanspreken. En precies dat punt bracht me in paniek, in de angst voor tekort. Zaterdagochtend op mijn heilige plek in het bos vroeg ik wanhopig om raad, om advies. Het antwoord was zoals vaak eenvoudig en simpel. Zo eenvoudig dat het me bijna ontglipte. Je kunt zelf kiezen, je hebt de keuzevrijheid om iets nieuws te beginnen. Om bijvoorbeeld vanaf volgend jaar september een nieuwe vorm van werk of misschien wel een heel nieuwe leefomgeving te hebben. Die mogelijkheid maakte me blij. Een blijheid die ik nu nog voel. Ik was ongemerkt de afgelopen jaren zo bezig met iets op te bouwen en zonder dat ik er erg in had sloop hiermee het idee mee dat ik moest behouden wat ik had. Angst voor tekort die me er toe zette om te sparen voor later. Een angst die ik ook ken in andere vormen, bv. mijn angst om genoeg te slapen anders ben ik de volgende dag niet fit. Of – ook een vorm van reserve opbouwen – mijn beste broeken in de kast laten liggen voor het geval dat. Voor welk geval eigenlijk?

Daar ligt mijn keuze die ik afgelopen week ontdekte. Of ik schiet vanuit mijn persoonlijkheid in mijn angst voor tekort of ik laat het bezig zijn met het behouden wat ik heb los en geef me over aan het nieuwe, aan het avontuur dat in het moment besloten ligt. Deze ontdekking deelde ik dus deze week met mijn collega-coaches. Het bleek een spiegel te zijn voor hun eigen verhalen, die eigenlijk allemaal dezelfde kern hadden. Het loslaten van oude overtuigingen, die gebaseerd zijn op angst voor tekort. Zoals; het is er niet voor mij (voor anderen wel), ik ben een slecht mens of zoals die van mij; er is niemand voor me. Blijkbaar is het nu de tijd voor veel mensen om dit soort patronen ten diepste toe te laten, te zien, te voelen. Zodat de liefde en bewustzijn er helemaal in kan komen. En schoon kan maken. Om daarna opnieuw geboren te worden. Het diepste en hoogste punt geïntegreerd.

De kranten staan vol van de economische crisis die er op dit moment is. Columns worden erover geschreven, antwoorden worden bedacht. Wat ik verschillende keren las had de volgende boodschap. We moeten niet zeuren, maar harder werken. Tanden op elkaar, doorbijten. Zo komt onze economie er weer bovenop. Het is een reflex vanuit hetzelfde uitgangspunt als van waaruit onze economie is opgebouwd. Een uitgangspunt dat vooral na de Tweede Wereldoorlog effectief was om Europa, maar ook de Verenigde Staten op te bouwen. Maar om een volgende stap te zetten in onze evolutie als mens is dit uitgangspunt ontoereikend. Sterker nog; als we vast blijven houden aan dit uitgangspunt gaat het zich tegen ons keren. Wat we nu in hoge mate om ons heen zien gebeuren. Het uitgangspunt waar ik het over heb is er een vanuit een tekort, het ervaren van tekort. En het antwoord was er een van wilskracht, de handen uit de mouwen, samen staan we sterk. Alle ‘ismen’ zijn hierop gebaseerd, ‘ismen’ die nog steeds ons politiek gedachtegoed bepalen of dit nu links is of rechts. Nu is die uiterlijke, materialistische welvaart opgebouwd en is de grens van deze welvaart bereikt. Dat betekent dat we nu voor een nieuwe fase staan, een andere, meer innerlijke manier om te groeien en dit gaat gepaard met een crisis. Dit is in mijn persoonlijk leven zo, maar dat geldt volgens mij ook voor het collectief. De neiging om vast te houden aan het bestaande vanuit angst om dit te verliezen is groot, maar niet helpend, niet effectief.

Een stap verder betekent eigenlijk hetzelfde als wat ik nu ervaar in mijn eigen midlife crisis. Nu is het tijd om niet op een mannelijke en wilskrachtige manier om te gaan met tekort, maar meer vanuit een vrouwelijke manier de eigen, persoonlijke pijn van het tekort toe te laten en te voelen. Daar zijn andere ‘skills’ voor nodig om het zo maar even uit te drukken. Dat kan alleen op een individuele manier. Ieder heeft zijn eigen geschiedenis in het opbouwen van patronen als antwoord op de pijn van het tekort, de pijn van het afgescheiden zijn van de liefde. Ik heb mijn geschiedenis, waarover ik regelmatig schrijf op deze site. Mijn collega-coaches hebben hun eigen geschiedenis die ze afgelopen week vertelden.

Het is niet toevallig dat ik deze week een prachtige tekst kreeg van Dorle Lommatzsch die op retraite was in Auschwitz. Samen met honderd andere mensen mediteerde zij op de plekken waar getransporteerde joden aankwamen, werden vergast of aan het werk werden gezet. Mensen met familie die daders waren. Mensen met familie die slachtoffers waren. Dorle schreef dat het een transformatieplek was, een heilige plek waar oude wonden werden geheeld. Ze schrijft: Vijf dagen mediteren in Auschwitz. Ik dacht naar de meest gruwelijke plek op aarde te gaan, maar wat ik vond was een heilige plek. Een plek van helderheid, intensiteit, een plek van intense stilte. Een plek van gebed en rouw. En het deel in mij dat nog nooit heeft kunnen rusten, altijd zwierf en zocht en zeurde, kwam eindelijk thuis. Ik voelde me dankbaar en voel dit nu nog. Iets in mij kan eindelijk helen.

Afgelopen donderdag tijdens de thema-middag bij project Natuurlijk Werken deden we een oefening door uit een grote serie foto’s er een te trekken die ons aansprak. Mijn oog viel op de foto van een kind dat aan de hand werd genomen door twee ouders. Ik zei; ik word aan de hand genomen. Aan de hand genomen door de liefde die mij wil leiden, mijn geestelijk deel, essentie, God, hoe je het ook noemt. En dat is voor mij nieuw. Mijn patroon ‘zelf doen’ laat ik los, mijn controle, mijn tanden op elkaar vanuit de overtuiging dat er niemand voor mij is. Het alternatief is een gevoel van vrijheid, van overvloed, van vertrouwen, van spelen en scheppen. Individueel staan we voor deze keuze, maar ook collectief worden we volgens mij uitgenodigd om deze uitdaging aan te gaan en zo tot een nieuwe balans te komen. Op die manier draagt ieder individu met zijn of haar innerlijk werk bij aan het collectief.

verjaardag en betekenisvolle dromen

Gebi en ik liggen op het strand. We zijn op vakantie. We zien straaljagers overvliegen in een formatie, het zijn er veel bij elkaar. Ze zwaaien en maken contact met een gevangenis op een hoge berg naast het strand. We zien de gevangenen die buiten staan achter de tralies terug zwaaien. Ze worden steeds enthousiaster, zwaaien, springen. Ze gaan helemaal uit hun dak tot dat ze dingen over het hek gaan gooien. Ook een hele grote kei en nog een. De ene kei neemt een groot aantal mensen mee, die te pletter vallen op het strand. De andere kei komt achter ons op het strand terecht, waarschijnlijk ook boven op mensen. Paniek breekt los. We zijn Bo en Moon kwijt die aan het spelen zijn ergens anders. Ik roep hard hun namen. Bo! Moon! We gaan ze zoeken en nemen ieder een andere route. Voordat Gebi weggaat geef ik haar haar mobiel, zodat we contact kunnen houden. Ik zeg haar dat we elkaar zien bij het huis dat we gehuurd hebben. Ik roep nog steeds de namen van Bo en Moon. Een jongetje herkent de naam van Bo en neemt me mee naar een huis in een rijtje waar Bo binnen piano speelt met een grote groep kinderen om hem heen. Dan gaat mijn mobiel, waarvan de toetsen kapot zijn, maar ik kan wel opnemen. Ik hoor aan de andere kant stilte en zacht snikken van Gebi. Grote emotie. Ze heeft Moon gevonden, maar er is iets ernstigs met haar tanden. Ze zegt dat Moon van het letsel iets positiefs heeft gemaakt, alsof ze ons als ouders gerust wil stellen. Ik zeg haar door de telefoon dat ik dit emotioneel zwaar vind.

Ter gelegenheid van mijn verjaardag afgelopen week had ik mijn ‘mannengroepje’ uitgenodigd om dit te vieren in het tuinhuisje op de nieuwe moestuin vlakbij waar wij wonen. We komen zo om de 2 maanden bij elkaar en delen mannendingen en het proces van menswording van ieder. Zo vertelde ik dat ik in een soort van midlifcrisis zit die mij brengt bij de wortel van mijn persoonlijkheid. Het traumapunt dat in mijn jonge jeugd is ontstaan, maar dat ik toen niet kon voelen.

Blijkbaar is het nu de tijd om dit toe te laten en bewust te ervaren. Ik schreef daar eerder over. Toen ik dat vertelde aan mijn mannenvrienden merkte ik dat ik niet verder kan kijken dan dit punt. Ik kan niet meer vanuit mijn oude patronen een beeld vormen van de toekomst. Zo gewend als ik ben om mijn eigen leven vorm te geven, te organiseren, nu lukt dat niet meer en lijkt het alsof ik in deze periode van niet weten mag wachten totdat ik word geleid.

Zoals ik het ervaar, heb ik vaak rond mijn verjaardag een depressief gevoel. Alsof ik onbewust wordt geconfronteerd met de omstandigheden waarin ik geboren ben. Die waren niet ideaal. Ik was uitgerekend in december en mijn vader die als stuurman de wereldzeeën afvoer, had dan ook in december gepland om thuis te zijn. Maar ik werd 2 november geboren, precies op de 21e verjaardag van mijn moeder. Ze was alleen thuis in Bergen op Zoom, zonder telefoon en zonder man. En toen ze uiteindelijk bij de buren had gebeld, kwamen haar ouders met de bus uit Steenbergen. Haar moeder bleef een nacht, omdat zij ook nog een gezin had waar ze voor moest zorgen. Het buurmeisje bleef daarna nog enkele nachten slapen omdat de thuiszorg pas in december was besteld en niet zo snel iemand had die in kon springen. Daarnaast was het ook nog koud en in haar onwetendheid legde mijn moeder me in een wiegje bij de verwarming beneden, terwijl ze zelf boven in bed ging liggen. Ziedaar de eerste ‘crack’, de breuk in mijn leven door het gemis aan lichaamswarmte en omvatting van mijn moeder. De eerste wortel van mijn overtuiging dat er niemand, dat er geen liefde voor me is. Anderhalf jaar later werd mijn gehandicapte zusje Marion geboren. Alle aandacht ging logischerwijze naar haar, zodat mijn gemis aan warmte en nabijheid werd benadrukt. Ik weet nog goed het moment dat ik als klein jongetje besloot dat ik het verder alleen moest doen. In de twee jaar dat mijn zusje leefde, heb ik wel liefde voor haar gevoeld. Ik kan dat nu nog ervaren en zien op oude foto’s waar ik samen met haar in de box zit. Toen ze overleed was dat wederom een bevestiging voor mijn overtuiging dat er niemand voor me is, dat er geen liefde voor me is. Volgens mij doet het er niet toe wat de unieke en persoonlijke omstandigheden zijn die de afgescheidenheid van de liefde veroorzaken. Het gaat om de onvermijdelijke ervaring van de afgescheidenheid van liefde.

Ik kan nu veel beter zien welk gedrag ik vanuit dat punt heb ontwikkeld, als compensatie om de pijn van dat gemis aan liefde niet te hoeven voelen. Tegelijkertijd bevestigde ik juist door mijn gedrag diezelfde pijn, een zich steeds herhalend patroon. Het lijkt alsof het nu tijd is om dit punt echt toe te laten, te ervaren en een plek te geven. Dat begint bij het durven toelaten van hulp die er om me heen is. Voor mij een moeilijk punt vanuit de basisovertuiging dat er niemand voor me is. Ik wil niet meer weg van dat punt, wil het nu meer dan ooit aangaan.

Een lezer van deze site vroeg me deze week nog of het geen luxe is om tijd te hebben om die crisis in mezelf toe te laten. Zij kwam daar helemaal niet aan toe, was bezig om alle praktische zaken in haar leven te regelen. Ik zei haar dat ik het zie als een fase die nu aan de beurt is. Zij zit in de fase die voor haar klopt en voor mij klopt nu deze fase om in mijn midlife deze crisis toe te laten en het niet te compenseren met wat veel mannen in de midlife doen; een nieuwe (lees: jongere) vrouw, een snelle auto, een nieuwe gadget. Terwijl het af en toe niet meevalt om de ruimte voor mijn crisis te combineren met de druk van de verantwoordelijkheden die ik heb op dit moment heb in mijn leven.Nu ik langer en dieper stilsta bij het traumapunt in mijn jeugd, begin ik open te staan voor het geestelijke idee dat ik zelf voor dit leven gekozen heb. Dat dit leven inclusief mijn geboorte, mijn jeugd etc. precies de juiste ingrediënten voor mij, voor mijn ziel heeft om te ontwikkelen, om te groeien, om de weg te vinden terug naar de liefde die op me wacht. Dat zou betekenen dat er reeds een bewustzijnspunt – mijn bewustzijn!! – aanwezig is al voor mijn geboorte en waarom zou er doordenkend vanuit die wetenschap ook geen bewustzijn aanwezig zijn na mijn sterven? Ik kon me de afgelopen weken op dit punt concentreren. Het maakt mijn ‘ik’ groter, groter dan alleen het leven tussen mijn geboorte en sterven. En het helpt om niet telkens de schuld te geven aan de mensen die me in mijn leven hebben gekwetst en me daardoor hebben bevestigd in die onbewuste overtuiging dat er niemand voor me is, dat er geen liefde voor me is. Dat dit leven met al zijn omstandigheden voor mij helemaal perfect is. Het helpt mij om helemaal ‘ja’ te zeggen tegen mijn leven.

De dag voor mij verjaardag was ik bij Marlene Driessen van de Innerlijke Lijn, waar ik de afgelopen jaren een aantal trainingen heb gevolgd. Ik vertelde haar hoe zwaar het soms in momenten is om het gevoel toe te laten wat ik als kind had in de afgescheidenheid van de liefde. Het kader wat Marlene me biedt stelt me gerust in wat ik eigenlijk al weet, namelijk dat het toelaten van de pijn de basis vormt voor het ontvangen, de overgave aan de liefde die er is. Alsof de pijn de tegenkracht is, een bodem maakt, een ontvangstkanaal. Dat is eigenlijk wat ik zelf al had ontdekt en wat steeds weer de motivatie is om naar mijn pijn toe te gaan. In de pijn zit het verlangen opgesloten, de pijn brengt me bij het verlangen. En mijn verlangen is, hoe kan het ook anders, het ervaren dat de liefde er (wel) voor me is. Dat de liefde die met zijn grote licht op mij wacht niets liever wil dat ik een stap zet over de drempel. Die eenwording met die liefde is mijn grootste verlangen, maar dat mag wel in mijn eigen tempo. Ik mag de liefde leren vertrouwen, ik mag me veilig leren voelen.

Nu ik meer ga voelen op het punt waar ik me heb afgescheiden van de liefde, is het niet zo vreemd dat ik meer droom. Dromen is een manier van het geestelijk deel, de essentie om contact te maken met mij. Er zit in de aandachtslaag van de droomwereld namelijk geen belemmering van mijn persoonlijkheid. Ik weet direct als er een betekenisvolle droom tussen zit en heb me aangeleerd – als oefening die ik heb geleerd bij de Innerlijke Lijn – om deze op te schrijven. Ik wil twee dromen delen die ik deze week had. De eerste staat aan het begin van deze tekst, de tweede volgt hieronder. Je zou het als oefening eens kunnen proberen om voordat je gaat slapen aan je essentie of geestelijk deel te vragen om een betekenisvolle droom. Het helpt om een schriftje met pen op je nachtkastje of onder je bed te leggen om de droom daarna op te schrijven.

Daarnaast vind ik het leuk als je eens reageert op de wetmatigheid die ik in deze tekst heb genoemd; dat er reeds een bewustzijnspunt – jouw bewustzijn!! – aanwezig is voor je geboorte en waarom zou er doordenkend vanuit die wetenschap ook geen bewustzijn aanwezig zijn na je sterven? Wat vind je hiervan? Herken je dat of vind je het onzin? Zou dat kunnen betekenen dat de dood niet bestaat? Reageren doe je via het gastenboek op deze site.

Ik ben ergens binnen, in een ruimte, wat later blijkt een soort van Boeddhistisch klooster. Er komt een lezing aan en mijn leermeester neemt me mee naar voren, naar de plaats waar de monniken in een verlicht vierkant zitten op speciale stoelen. Het is een fijne man, Aziatisch, humoristisch. Hij draagt een lang, donkerrood kleed met gouden of gele stippeltjes, accenten. Ik voel me heel gelijkwaardig. Hij is zijn hoedje kwijt, ik zie hem liggen ergens op en geef het hem. Het is een zwart, plat, stoffen hoedje met een knop in het midden. Ik ga naast hem zitten in het vierkant. Daarna komt de man binnen die de lezing gaat geven, vlak naast me. Wow, zegt de man tegen mijn leermeester, je hebt hem een krachtige energie gegeven, ik voel het tot hier! Kun je dat voelen, vraagt hij aan mij. Ja, zeg ik, heel subtiel van binnen.

Dan kijk ik naar buiten, er zijn prachtige luchten. Een grote zwerm vogels vliegt langs het klooster. Het worden steeds meer vogels, die steeds harder vliegen. Dan wordt de zwerm achterna gezeten door een 10-tal vliegtuigjes, die op hen jagen. Daarna zie ik de landgoed eigenaar, de eigenaar ook van de vliegtuigjes. Hij loopt over zijn eigen landgoed door een veld met allemaal oude autowrakken. Het is een grote man met een groot hoofd met rood haar. Achter hem rijdt zijn zoontje op een fietsje, die sprekend op hem lijkt. Het valt me op dat het nog een aardig mannetje lijkt, in tegenstelling tot zijn vader.

crisis

Het afgelopen weekend was ik met Gebi een paar dagen in Brussel. Precies tijdens de Eurotop, waar gesproken werd over de eurocrisis. ‘s Avonds liepen we de delegatie van Griekenland nog tegen het lijf, althans, ze reden voor ons langs naar het hotel waar ze overnachtten. Opvallend was dat alles verder gewoon z’n gangetje ging. Mensen in mooie, dure kleren die de talrijke luxe winkels bezochten om daar hun inkopen te doen. Net alsof er helemaal geen sprake was van enige crisis. En volgens mij is dat precies het punt. Voor de meeste mensen ligt zowel de oorzaak als de eventuele oplossing buiten henzelf.

Wat ik zelf ervaar is dat ik eigenlijk al bijna twee jaar in een soort van crisis verkeer. Dit betekent dat het me steeds minder lukt om een beeld te maken van mijn toekomst vanuit mijn oude persoonlijkheid. Alsof de ruimte daarbinnen op is en alles wat ik van daaruit doe een soort herhaling of afgeleide is van wat ik al eerder heb gedaan. Vorige week had ik een ontmoeting met Margan Arens, een van de therapeuten die ik raadpleeg als ik hulp nodig heb of een belangrijke vraag heb. Ik had een ervaring met een innerlijk beeld dat op een andere manier verwoordt wat ik hierboven schrijf.

Het voelt alsof ik voor een deur sta. De deur is open en erachter schijnt het grote licht van de liefde die er voor me is. De liefde wenkt me, de liefde wacht op me. Ik sta voor de deur en iets weerhoudt me om de stap te zetten over de drempel, waar de liefde wacht. Door het licht is mijn schaduw, het donker van mijn schaduw sterk, scherp afgetekend tegen het licht. Ik voel mijn vernauwing, dat punt waar ik de liefde niet toelaat en er dus van overtuigd ben dat ik die liefde niet waard ben. Die overtuiging zit vast in mij en op die overtuiging is veel van mijn minderwaardige gedrag gebaseerd. Het voelt als een afvoerputje dat regelmatig verstopt zit. Mijn angst, die zwarte engel, haalt regelmatig het bouwwerk neer dat ik steeds weer vanuit oude patronen opbouw vanuit die overtuiging dat ik de grote liefde die op mij wacht niet waard ben. Ik schep deze werkelijkheid zelf, al geef ik graag de schuld aan anderen om mij heen, die mij regelmatig kwetsen. Als ik naar die gekwetstheid durf te kijken dan brengt me dat steeds weer bij hetzelfde, onderliggende punt dat ik het niet waard ben om liefgehad te worden. Ik heb die energie onbewust bij me. Het is niet de enige energie, maar het is wel een ondertoon, een onderstroom, waar anderen weer onbewust op reageren. En waardoor ik telkens weer opnieuw wordt bevestigd in datzelfde, minderwaardige punt. Het herhaalt zich, het herhaalt zich. Alsof mijn hele leven in cirkels en steeds kleinere cirkels me steeds weer bij dit punt brengt. En steeds groter wordt mijn verlangen om dat punt te doorbreken, om me van dat punt te verlossen, zodat ik eindelijk die stap kan zetten over die drempel naar die grote liefde die op mij wacht. Zou dat nog gaan gebeuren in dit leven?

Mijn innerlijke crisis lijkt een afspiegeling van de uiterlijke crisis waar de wereld op dit moment in verkeert. De oude manier werkt niet meer, al willen de meeste mensen die macht en positie ontlenen aan deze oude manier dit nog niet onderkennen. De kern is dat de uiterlijke crisis niet opgelost kan worden zonder dat wij als individu onze eigen crisis onder ogen zien. Anders gezegd; in het toelaten van mijn eigen crisis verbind ik me met de wereld om me heen, een wereld die in crisis verkeert. Ik merk dat in het groeien van mijn individuele bewustzijn de ruimte groter wordt om mijn crisis toe te laten. Het is niet de vraag of ik wel of geen traumatische jeugd heb gehad, het is niet de vraag of ik wel of niet in een crisis verkeer. Het is de vraag of ik genoeg bewustzijn ontwikkel om deze crisis toe te kunnen laten. Want mijn groeiende bewustzijn brengt me onvermijdelijk bij dat crisispunt. Zodat ik daar waar ik gewond ben, geheeld kan worden. En vanuit die heling, die vereniging met mijn essentie, met de liefde die er voor mij is een nieuwe basis op kan bouwen. Een basis vanuit een gevoel van liefde en eigenwaarde.

Als je de economische crisis echt analyseert ligt de oorzaak en oplossing niet bij de politiek, niet bij het bedrijfsleven en niet bij de banken, maar bij het individu en het bewustzijn dat deze ontwikkelt om de eigen innerlijke crisis toe te laten en op te lossen. En in ieder individu is de structuur van deze crisis hetzelfde. Namelijk dat er vanuit een onvermijdelijk trauma in de kindertijd een overtuiging is ontstaan die een afgescheidenheid veroorzaakt en in stand houdt met de essentie. Het bewust worden en onder ogen zien van deze individuele en persoonlijke overtuiging brengt ons voor de deur, waarachter die essentie, die grote liefde op ons wacht. De stap door die deur, die overgave aan die persoonlijke, onvoorwaardelijke en grote liefde schept een totaal nieuwe werkelijkheid waardoor het oude als een oude huid, een oude jas wordt afgelegd. Een nieuw paradigma, een nieuw uitgangspunt. Een verschuiving van de identificatie met de overtuiging dat ik de liefde niet waard ben naar een nieuwe ik-ervaring van werkelijk lief gehad worden door mijn essentie, mijn geestelijk deel. Voor die grote uitdaging sta ik zelf, maar zoals het lijkt ook de samenleving als geheel.

Bij de Standaard in Brussel vonden we het prachtige boek van Roger Pauly met als titel ‘De crisis in onszelf’. Een aanrader!

de essentie wil mij helemaal

In mijn vorige artikel schreef ik over mijn angst en nood. De nood van mijn verwaarloosde kind. Nood aan liefde, liefde die het heeft gemist. Niet uit opzet, maar omdat mijn ouders zoals alle ouders niet volmaakt waren. Blijkbaar is het nu de tijd dat ik deze nood toe kan laten, kan voelen. Nood met als kern de angst dat er niemand voor me is, dat er geen liefde voor me is. Door dit toelaten word ik me bewuster dat rond dit zelfde punt ook mijn moeite met overgave zit, mijn moeite om hulp te vragen en toe te laten en mijn angst voor controleverlies. Ik zie het patroon, de structuur. Opvallend is dat ik in deze weken een aantal mensen ontmoette die ook tot hun diepste punt van angst kwamen, maar ook juist op dit punt de bodem vonden om weer op te veren.Bovendien had ik een afspraak gemaakt met Marlène Driessen van de Innerlijk Lijn. We stonden stil bij mijn verwaarloosde kind en zijn nood. Ze liet me ervaren dat precies dit verwaarloosde kind de sleutel is naar contact met mijn essentie of wat ze bij de Innerlijke lijn mijn geestelijk deel noemen.

Ze vroeg me in een visualisatie hoe het nu was met dit verwaarloosde kind. Een tijd geleden had ze me in een ontmoeting ook deze vraag gesteld en toen was het kind nog een meter van me vandaan en vroeg het mijn onverdeelde aandacht. Toen het dat kreeg liet het zich zien in zijn licht en enthousiasme als een speels kind. Nu echter voelde ik het vlak voor me, dicht bij me en duidelijk aanwezig. Toen ik er contact mee maakte, kwam het in beweging en omhelsde het me. Wat er ontstond in mij was een soort van versmelting, een uiting van liefde. Ik werd er helemaal warm van en tegelijk voelde ik me onwennig door de intimiteit die ik ervoer. Ik kon me er aan overgeven, in de mate die voor mij klopte op dat moment met Marlène erbij.

Het is voor mijn hoofd niet te snappen dat juist dat deel in mij dat zo verwaarloosd is de ingang vormt voor het toelaten van mijn essentie, mijn geestelijk deel. Dat verwaarloosde kind is in feite mijn essentie die in mijn jonge jaren onderdrukt is geraakt. Uit beeld is verdwenen door de patronen van mijn persoonlijkheid. Door het toelaten van dit verwaarloosde kind kom ik weer op het spoor van mijn essentie. Van dat deel dat mij wil, helemaal wil, mij wil leiden, mij richting wil geven. Het is ook het enige deel dat mij kan leiden naar meer de mens te worden die ik ben. Wat ik voel is dat als ik mijn essentie zijn rechtmatige plek teruggeef dan heb ik alles wat ik wil. Nu is het nog vaak dat ik verlang en dit projecteer op de buitenwereld. Maar juist dat verlangen en die projectie ontstaat omdat ik mijn essentie loslaat. Ik wil dan iets van buitenaf dat mijn gat, mijn leegte vult. Maar als ik dat gat vul met mijn essentie dan ben ik compleet en ben ik mezelf genoeg. De vraag is: durf ik me over te geven, durf ik me toe te vertrouwen? Dat is precies wat er op dit moment aan het gebeuren is, langzaam, voorzichtig. Een collega-coach zei me afgelopen week toen ik mijn verhaal vertelde dat ze voelde dat ik precies dit leven had uitgekozen om tot dit punt te komen. Ik mag leren om daar dan ‘ja’ tegen te zeggen, tegen heel mijn leven.

Afgelopen week kwam ik weer te lezen in de boeken van Almaas. Met name de boeken De essentie en De innerlijke diamant.
De inhoud van wat hij schrijft, drong door mijn innerlijke ervaringen dieper tot me door. Hij beschrijft heel secuur het proces van verlies van essentie en de mogelijkheid om deze weer terug te vinden, te helen. Waar ik me dieper bewust van werd is dat de essentie zich in mij wil ontvouwen. De essentie wil zich in ieder mens ontvouwen. De vraag is alleen; houd ik dat (met mijn persoonlijkheid en zijn aangeleerde patronen) tegen of beweeg ik mee met deze door de essentie gestuurde ontvouwing, zelfverwerkelijking. Het geboren worden van mij als mens. Veel van wat Almaas schrijft en wat ik al eerder heb gelezen, is deel geworden van mijn gedachtegoed en mijn manier van het beschrijven van mijn innerlijk werk en het geboren worden als mens, als individu.

Deze week sprak ik met een klant van mij, van WerkWaardig over dit innerlijk proces. Het is een jonge vrouw, die op haar leeftijd al veel ervaring heeft met deze weg. Ze vertelde dat ze ontdekt heeft dat als ze in haar pijn zit het niet zozeer helpend is om maar in die pijn te blijven. Maar dat ze als de pijn in wat voor vorm dan ook (minderwaardigheid, gekwetstheid, angst) zich aandient, ze vraagt om een ander, positief gevoel, bijvoorbeeld dankbaarheid. Daar waar je aandacht aan schenkt, dat groeit. Er lijkt hier nog ruimte te zijn voor een keuze. Op het moment dat ik ervaar dat ik met de rug tegen de muur sta, dan is er eigenlijk geen keuze meer. Dan word ik met mijn neus op mijn patroon gedrukt en aan het randje gebracht om me over te geven. Of er nu veel of weinig ruimte is, het punt van vragen om hulp is hetzelfde. Ik ga dan open voor wat mijn essentie me wil geven. En die weet heel precies wat ik nodig heb. Zowel in de moeilijkheid dat op mijn pad komt, dat er niet is om mij te pesten, maar precies de informatie geeft om de weg te vinden naar het begrijpen van mijn essentie. Het is net vanuit welke hoek ik ernaar kijk, vanuit de hoek van mijn persoonlijkheid of vanuit de hoek van mijn essentie.

Almaas beschrijft dit in zijn boek ‘De innerlijke diamant’ als volgt; je essentie is erg intelligent en heel gul. Zij beschikt over de gave om een conflict op je bord te leggen opdat je iets te weten komt wat je moet weten, door naar dat conflict of die hindernis te kijken. De situatie die je wordt gegeven is perfect wat betreft tijd, plaats, de betrokken mensen, je vaardigheden, de vaardigheden van de mensen om je heen, alles, tot in de kleinste details. De situatie is zodanig dat je, als je er in feite moeite voor doet, iets zult begrijpen over je essentie. Zij is er niet om het je moeilijk te maken.
Dus daar is waar ik sta. Langzaam ben ik bezig mijn identificaties te kennen en los te laten, mijn gehechtheid, de gehechtheid van mijn persoonlijkheid. De identificatie met mijn gekwetstheid bijv. Vaak denk ik dan aan de mensen die mij gekwetst hebben en blijf vastzitten in de boosheid naar hen, in plaats van de gekwetstheid zelf te onderzoeken. En door dat onderzoek op het spoor te komen van mijn essentie. Hopelijk kan ik me nu die mogelijkheid beter herinneren.

Ik ben in de wereld, maar niet van de wereld, zegt Almaas. Ik ben bezig om mijn essentie te leren kennen, langzaam ruimte te geven, daar waar het een lange tijd onderdrukt en verwaarloosd is geweest. Ik ontdek steeds weer dat dit het belangrijkste in mijn leven is. Het is iets wat ik me steeds weer moet herinneren. Niet mijn baan, niet mijn rol als vader of welke rol ik dan heb in deze wereld, maar dit innerlijk proces van de ontvouwing van de essentie in mij. Het gaat langzaam, maar als het wordt geleid door mijn essentie precies in het goede tempo.

gesnoeid worden op mijn innerlijke weg

Het voor- en najaar zijn in de natuur de seizoenen om te snoeien en zo is het ook bij mij van binnen. De afgelopen weken werd ik gesnoeid en dat is niet de eerste keer. Eigenlijk gaat het steeds over hetzelfde snoeipunt. Al tientallen jaren, vanaf het eerste moment dat ik mijn angst leerde kennen en ik daardoor de weg naar binnen leerde kennen. Want mijn angst is het snoeimes waarmee ik word gesnoeid.

Zoals de eerste ontdekkingsreizigers de wereld ontdekten, de wereld aan de buitenkant, zo ontdek ik mijn binnenkant door mijn vizier naar binnen te richten. Vorig weekend in mijn ouderlijk huis, waar mijn moeder nog woont na het overlijden van mijn vader, vond ik een oud boek van mijn vader over deze stoere mannen die de wereldzeeën veroverden. Mijn vader heeft 10 jaar lang gevaren op de grote vaart, misschien wel geïnspireerd door de romantiek van de verhalen uit dat boek. Wat ik wel weet is dat de carrière van mijn vader op zee er een was die gepareerd ging met veel angst. Zijn angst om te falen, zijn angst om fouten te maken, om de verantwoordelijkheid als stuurman op zich te nemen.

Ook al zien we dat vaak niet van buiten, volgens mij kent ieder mens zijn persoonlijke en specifieke angst. Mijn innerlijke groei gaat, zoals ik dat ervaar, gepaard met die persoonlijke angst. Het is net alsof de liefde die mij leidt telkens dit punt van angst gebruikt om mij te zoeken en te vinden. Om mij te snoeien van het onkruid dat ik onwillekeurig weer laat opkomen in mezelf. Om de schat van mijn essentie die in mij verborgen ligt, op te graven. Meestal gebeurt dat ‘s nachts bij mij, als ik niet kan slapen en de angst mij grijpt. Als een geestelijke wortelkanaal behandeling kom ik dan tot de kern van waar ik bang voor ben. Het meest lastige vind ik dat ik door die angst al mijn beelden en identificaties los moet laten. Alles waar ik in de buitenwereld aan vast zit, komt op losse schroeven te staan. Alsof ik een beetje sterf. Alsof ik word afgebroken en weer opgebouwd.

Ik ben in nood, voelde ik vorige week en ik vroeg me af: wat is dan die nood? Het antwoord kwam met woorden die een nieuw licht deed schijnen op mijn angst; ik ben bang dat er niemand voor me is. De angst die past bij de nummer twee in het enneagram, die bang is dat er geen liefde voor hem is. Opvallend was dat ik die ochtend tijdens mijn meditatie een beeld kreeg dat me raakte. Het was het beeld van de volmaakte ouder die me als een kind aan de hand nam. Wat me raakte was het gevoel dat het hier helemaal om mij ging. Het was net of dat liefdevolle beeld me later de ruimte gaf om die nood dat er niemand voor me is toe te laten en te begrijpen.

Ik wil dit delen, dacht ik toen en vond de moed om een van de mensen te bellen waar ik contact mee zoek als ik dat nodig heb. Toen ik ophing na het telefonisch gesprek voelde het als een grote overwinning dat ik mijn isolement, mijn eenzaamheid, mijn afgescheidenheid van de overtuiging dat er niemand voor mij is, had doorbroken. Die vreugde voelde ik de dagen daarna van binnen nog na gloeien.

Er is hulp. Dat ervoer ik nogmaals een dag later tijdens een consult bij Dorle Lommatzsch, nog een therapeute die ik opzoek als ik vastloop op mijn innerlijke weg. Ik vertelde mijn ervaring van het gevoel gesnoeid te worden en ze vroeg me op te laten komen wat zich op dat moment zich aandiende. Ik kreeg het beeld van een krijger. Fier stond hij daar op een vlakte in Afrika. Ik voelde de warme wind, de band om zijn blote, gespierde arm. Dorle vroeg me om zijn eigenschappen te beschrijven. De krijger voelde heel levend, aanwezig, alert. De noodzaak om alert te zijn, helemaal aanwezig te zijn om te overleven. Bewust met alle zintuigen open. Vitaal. Toen vroeg Dorle me om deze innerlijke krijger en zijn energie voor te stellen op het moment dat ik in mijn werkkamer ben en klanten ontvang. Dat was opvallend. Ik voelde zijn aanwezigheid achter me, achter mijn ruggengraat. Zeer duidelijk ondersteunend, kracht gevend. Maar ook; grens aangevend. Tot hier en niet verder. Bijzonder om hulp te ervaren en toe te laten op dit punt, daar waar ik vaak moeite heb om mezelf centraal te blijven stellen als het gaat over het geven van hulp.

Als ik op een geestelijke manier naar mijn angst kijk en de manier waarop ik door mijn angst wordt gesnoeid van binnen, dan kan ik het zien als een middel om te groeien. Mijn ego gaat onderuit, maar mijn ik word geboren. Maar als ik naar hetzelfde kijk vanuit het wereldse perspectief, komt het stemmetje in me op met de vraag of er niet iets behoorlijk mis met me is. Mijn vrouw Gebi kwam met een mooi antwoord van haar zangjuf in Limburg; er zijn mensen die leren lopen met een looprekje en er zijn mensen die leren lopen door vallen en opstaan. Ik zelf behoor duidelijk tot de laatste categorie, omdat ik niet kan steunen op iets buiten mezelf in de wereld om me heen. Hoe hardnekkig ik dat soms toch nog probeer. Vandaag in de ochtend van deze warme herfstdag liep ik naar mijn heilige plek in het bos en ik voelde van binnen het begin van een nieuwe aanwezigheid die de ruimte om me heen vulde en tot in het kleinste detail waarnam. Alsof uit het punt waar ik werd gesnoeid nieuw groen opkwam. Alsof mijn angst de spiegel van mijn waarnemer schoon had gemaakt en ik met nieuwe ogen om me heen kon kijken.

zie!

R., muzikant, fotograaf èn klant van WerkWaardig arbeidstraject liet me een aantal foto’s zien die hij afgelopen maanden in de natuur had gemaakt. Wat zichtbaar was en me raakte was zijn aanwezigheid in de foto’s, het zien van dat wat hij fotografeerde. We kregen daarna een gesprek over dit zien. De vraag kwam in me op; kan iets eigenlijk wel bestaan zonder dat het wordt gezien?

Dit is een vraag om even bij stil te staan. Als ik merk hoe pijnlijk het is, als ik me niet gezien voel, is het gezien worden misschien wel de grond van mijn bestaan. Het schijnt dat negeren het ergste is wat je iemand kan aandoen. In oude geschriften, zoals de Nag Hammadi, staat dat God de aarde schiep om gezien te worden. Misschien is de onvoorstelbare schoonheid van de schepping wel een uitnodiging aan ons om te zien, ons vermogen om te zien wakker te maken. De Nederlandse popgroep Doe Maar maakte een liedje dat later door Trijntje Oosterhuis prachtig werd gecoverd met de tekst alles wat ik wil, ja, alles wat ik wil is iemand die me ziet.

Het is een bijzondere, menselijke kwaliteit, het vermogen om te zien. Dat zien gaat verder dan enkel kijken met de ogen. Het is kijken met je hele aanwezigheid, wat betekent dat je kijkt zonder oordeel. Met je hart. Vanuit aanvaarding van jezelf, schoon. Jouw kijken is schoon, jouw spiegel is zuiver. Het is bijzonder, omdat we vaak rondlopen zonder ook maar iets te zien, in ons hoofd, niet in het moment, oordelend over van alles en nog wat. Er is zoveel te zien en zo vaak zien wij mensen het niet. Kan dan iets bestaan als het (door ons) niet wordt gezien?

Ja, zei J., een andere klant van mij later op de dag. Ik geloof in scheikunde, ging hij verder. Met andere woorden; dingen bestaan uit een reactie op elkaar, dus kunnen bestaan zonder gezien te worden. Maar als het antwoord ‘nee’ is, dan moet er een aanwezigheid zijn, een bewustzijn die alles ziet wat wij als mensen niet zien. Een aanwezigheid die groter is dan ik, je zou het God kunnen noemen, maar dat schept waarschijnlijk verkeerde beelden. God is het bewustzijn, die alles ziet met zijn liefdevolle aanwezigheid en met dat zien alles leven inblaast. Bestaansrecht geeft. Als iets niet wordt gezien, kwijnt het weg. Ik moet denken aan ons huis, dat voortdurend balanceert tussen opbouw en afbraak, tussen chaos en orde. Als ik geen aandacht geef aan het huis verkeert het binnen de kortste keren in verval. Het huis heeft voortdurend aandacht nodig (en aandacht = zien), die aandacht geeft het leven. Het is misschien wel de belangrijkste taak die ik als mens heb; het aandacht schenken, het zorg dragen, het zien van dat deel waar ik verantwoordelijk voor ben. Dat zou je misschien ‘werk’ kunnen noemen. Wat veel verder gaat dan de smalle en eenzijdige, economische betekenis die wij normaal gesproken aan werk geven.

Ik voel me als begeleider van mensen zonder werk tegenwoordig vaak een tuinman. Een tuinman namelijk kijkt en ziet wat zijn plantjes nodig hebben om te groeien. Het groeien doet ieder plantje op zijn manier, het enige dat je als tuinman kunt doen is de omstandigheden zo optimaal mogelijk scheppen voor het plantje om te groeien. Er is geen plantje hetzelfde, maar het principe wel. Het principe van de tuinman. Het is mijn doel dat mensen die ik begeleid hun eigen plantje, hun eigen groei leren kennen en dat wat nodig is om te groeien. Deze manier van werken staat haaks op de kracht die vanuit de economie voelbaar is en die door de vele bezuinigingen het komende jaar nog meer zichtbaar wordt. Jouw waarde als mens wordt in onze maatschappij bepaald aan de hand van het economisch nut dat je hebt. Het gevolg is dat er een gemiddelde ontstaat, een collectieve mens die er steeds meer hetzelfde uitziet, afhankelijk van wat op dat moment in de mode is. Gelukkig is geen enkel mens te reduceren tot een gemiddelde, maar ik weet wel dat veel mensen hun uiterste best doen om zich aan dat gemiddelde aan te passen en dat wat hun uniek maakt en dus afwijkt, onderdrukken. En daar krijg je klachten van, daar ga je scheef van groeien. Je kunt uiteindelijk niet iemand zijn die je niet bent. Want als je er niet bent, als je niet helemaal aanwezig bent, kun je niet zien. Het is juist dat zien dat wij nodig hebben van elkaar om te kunnen bestaan. Dat zien is veel essentiëler dan welk systeem, welk economisch systeem dan ook. Wat heb je aan een systeem als we elkaar niet zien? Sterker nog; als we elkaar zien, hebben we veel minder economisch systeem nodig omdat er geen gat hoeft te worden opgevuld van het niet gezien worden.

Ik zie dus ik ben, ik ben dus ik zie.
Dit is eigenlijk dus een oproep aan ieder: ZIE!
Als je wilt kun je hieronder reageren op de volgende twee vragen; kan iets bestaan, als het niet wordt gezien? En als ik dan zie, wie is het dan eigenlijk die ziet?

groei

18juni2013

Misschien geniet ik op dit moment wel het meest en ben ik wel het meest mezelf als ik in de moestuin werk. En nog meer in deze oogsttijd en we al weken geen groente meer kopen in de supermarkt. Aardappelen, boontjes in verschillende vormen, tomaten, courgette, bietjes, snijbiet, sla en volgende week gaan we de eerste pompoensoep maken. Onlangs ook het eerste sap gemaakt van rijpe vlierbessen. Ik zag ze al van een eindje hangen, die schermen met de rijpe, zwarte bessen. De grote vlierboom stond midden in een veld met brandnetel en ik moest mijn best doen om met trap en al bij de boom te komen en het zwarte goud te plukken. Dit gaf mij een heel gelukkig gevoel.

Vandaag bij de groepsbijeenkomst van project Natuurlijk Werken vertelde H. dat hij zich gelukkig voelde als hij heimwee had. Boven op een hoge berg bijvoorbeeld die hij had geklommen en als hij dan daar beneden in de verte een dorpje zag liggen, gaf hem dat een heimwee gevoel. En dat gevoel, zei hij, maakte hem gelukkig.

Geluk is een ervaring van de essentie en het was in het groepje met 8 mensen mooi om te merken dat ieder zijn eigen ervaring van geluk kende. Het was een van de belangrijkste lessen die ik ooit heb gehad van Jan de Dreu op de Voorde, die vertelde over het onderscheid tussen essentie en persoonlijkheid. Dat kon ik direct begrijpen en dit inzicht is onderdeel geworden van het kader dat ik gebruik om mijn eigen menswording, mijn geboorte als mens te duiden. Zoals ik ook steeds opnieuw de natuur zie als spiegel voor menselijke groei. Eigenlijk drukt het beeld boven dit artikel het kader uit waar vanuit ik leef, groei en ook mensen begeleid met WerkWaardig arbeidstraject.

Zie je die zon daar boven aan het plaatje? Misschien is het wel zo dat ieder van ons een stukje van die zon in zich draagt als een zaadje dat de potentie heeft om uit te groeien tot een plant met een prachtige bloem. Hoe ervaart dat zaadje zich als hij daar in het donker zit in die pot? Kan hij zijn oorsprong nog herinneren, daar waar hij vandaan komt en weer naar toe gaat? Dat was ook onderwerp van gesprek vandaag. Dat de meeste mensen niet in een gezin geboren worden waar een herinnering aanwezig is aan iemands essentie. Met andere woorden; het lichtpuntje van dat zaadje zit verborgen in het donker. Dus als we willen groeien zullen we dat donker, dat wat we in onszelf liever niet zien, aan moeten kijken, er naar toe moeten gaan. In plaats van vluchten, wat ieder op zijn of haar manier kent. We ervaren onszelf en we raken onszelf weer kwijt. Voor mij is er geen andere manier om te groeien, omdat we in die beweging steeds meer van onszelf leren kennen. Er zal iets van buitenaf moeten komen dat ons lichtpuntje, onze essentie, dat zaadje wekt. Het is zo’n intiem en bijzonder spel, dat ieder zoekend mens herkent. Jij die geen genoegen neemt met het platte leven aan de buitenkant en voelt van binnen dat er meer moet zijn, een verlangen wellicht. En van buiten komt er dan een antwoord. Iemand die je ontmoet, een boek dat je leest, een programma op televisie. De essentie wordt gewekt en gaat op pad. Het zaadje zoekt zijn weg vanuit het donker van de aarde naar het licht.

Tot het moment dat het kopje van het jonge groen boven de aarde uitpiept. Het is ontroerend om te zien in maart en april als de peultjes en tuinboontjes boven de grond komen. Kwetsbaar en sterk tegelijk. Je kunt bijna niet geloven dat ze uitgroeien tot een hoge, groene haag vol met bloemetjes en later de smalle peulen. Wat een kracht! Hoe dat moment te zien dat ik als mens krachtig genoeg ben om boven de grond uit te komen? Misschien is het moment dat ik als individu ga staan ten opzichte van het collectief. En ieder mens heeft zijn eigen moment van trouw zijn aan zichzelf. Een gesprek met je baas, misschien met je partner. Een essentiele keuze die je maakt voor jezelf. Misschien moet die keuze in verschillende momenten gemaakt worden, maar daarna ben je als individu sterker dan het collectief dat aan je trekt. Niet dat je daarna geen beproevingen meer krijgt, maar je individualiteit is je basis. Verlangen is voor mij daarbij dat wat mij op het spoor brengt van mijn groei. Het lijkt dan alsof ik verlang naar iets in de vorm, maar eigenlijk is de kern van mijn verlangen het verlangen naar het licht. Dat wat H. heimwee noemde toen hij op de berg dat dorpje zag liggen. En op dat pad van mijn groei als mens heb ik af en toe ervaringen van mezelf. Zo’n moment van geluk en misschien is dat zo’n moment dat mijn bloem opengaat. Er in mij de ruimte aanwezig is om er te zijn. Het mooie is dat er geen bloem is zonder dat het zijn overvloed deelt met zijn omgeving of het nu een bij is, een vlinder of een ander insect. Of een mens die de bloem in de natuur ziet en er van geniet.

In werkelijkheid is het zo dat we de meeste tijd onszelf en onze essentie niet herinneren. We zijn dan verdwaald in het woud van onze persoonlijkheid, dat geldt in ieder geval wel voor mij. Zoals deze week toen ik er weer eens achterkwam dat veel van mijn gedrag wordt gestuurd door verlangen naar bevestiging van buitenaf. En als ik die niet krijg, voel ik – mijn persoonlijkheid – zich onzeker, minderwaardig zelfs. Hoe moeilijk is het voor mij om een gevoel van eigenwaarde puur uit mezelf te halen. Voor sommige mensen is de ondertoon van hun persoonlijkheid ‘schuld’, voor mij is het minderwaardigheid. Mijn enige redding is dan weer contact te zoeken met mijn essentie, het is al heel wat dat ik me herinner dat ik dat moet doen. Zo vast zit ik soms in mijn patroon om de bevestiging buiten mezelf te halen. Tegelijkertijd ervaar ik dan dat ik de vervulling niet buiten mezelf in de wereld kan halen. Dat geeft me een gevoel van leegte, benauwdheid, angst, geen houvast in de buitenwereld. Ik kom dan met mijn rug tegen de muur te staan. Het lijkt dan alsof mijn persoonlijkheid zich vernauwt en als een soort geboortekanaal fungeert voor mijn vrije, autonome ik om geboren te worden. Het voelt dan soms alsof ik gesnoeid word om daarna mijn weg naar het licht te vervolgen.

Als je het contact kwijt bent met je essentie, kan het helpen om je te herinneren waar je als mens naar toe groeit. Ik gaf al eerder de oefening om je ideale dag te verbeelden. Wat je ook kunt doen is jezelf de vraag stellen; hoe zou ik met het liefste willen voelen? Hoe voel ik me in meest volmaakte toestand? We deden afgelopen donderdag deze oefening (die ik heb geleerd tijdens een training bij de Innerlijke lijn) met de mensen van project Natuurlijk Werken. Je kunt een A4-tje pakken en alle woorden opschrijven die bij je opkomen. Probeer het maar eens, vaak als je met een woord begint, komt de rest vanzelf. Je kunt ook een paar dagen later weer verder gaan of het vel weer lezen, juist als je jezelf kwijt bent en je ellendig voelt. Zelf kwam ik onder andere op de volgende woorden; onafhankelijk, mooi, blij, vrij, liefdevol, dankbaar, vitaal, fier, vergevingsgezind etc.

Het meest volmaakte beeld is de richting waar je naar toegroeit. Zoals de bloem die naar de zon toegroeit. De bloem is het ervaren van jouw individualiteit, jouw vrije en verbonden ik. De ervaring dat je deel bent van het geheel, maar er niet in verdwijnt. Het ervaren van je levende aanwezigheid die groter is dan de grens van je lichaam. Het komt mij voor dat de kracht in de wereld op dit moment groot is die ons verleid om met onze aandacht naar buiten te gaan. Het is belangrijk dat we elkaar helpen om het ervaren van die vrije, autonome ik in onszelf te zoeken.

over de geliefde en mijn onvolmaaktheid

Vorige week, na terugkomst van onze vakantie in Zwitserland en Italië, vond ik een geschenk van een vriend in de brievenbus. Het was het boekje De Geliefde, een oproep tot verantwoordelijkheid van Anol Berg. Een bijzonder geschrift, waarin ik mijn weg als mens herken naar de overgave aan de geliefde. Berg beschrijft zijn eigen weg, zijn eigen overgave en de verankering die hij gevonden heeft in de overgave aan deze geliefde. En mocht je aan dit boekje kunnen komen, dat door verschillende mensen gratis wordt verspreid, laat je niet de kans ontnemen om het te lezen. Ik zag trouwens net dat het ook via internet te bestellen is. Ik zal een stukje citeren. Lees hoe mooi en teder hij zijn overgave beschrijft;Ik waagde de sprong en vroeg. Een verzoek om hulp. Bevestiging van mijn onvermogen. Er gebeurde iets. Zolang al deze innerlijke dialoog – die vooraf ging aan deze overgave TR – met mezelf duurde scheen het me toe stapje voor stapje, naar een bepaald punt te worden getrokken. Niet ik het centrum van waaruit de gedachten zich losmaakten, maar iets aan de andere kant. Een initiatief van gene zijde, mij in zijn invloed sfeer. Ik communiceerde niet langer had ik het gevoel, met mijzelf, maar doorbrak de barrière. Zoals een vliegmachine, de scheiding tussen twee niveaus, een ander niveau, een andere wijze van communiceren. De wijze van communiceren? Het voelde alsof plotseling een warme deken om mij heen gewikkeld werd. Ik vroeg nogmaals, ik had het gevoel of voor het eerst ik niet met mezelf in dialoog trad, maar één op één met het mij omringende. En dat ik werd gehoord, geantwoord. Ik trad in relatie.

Berg heeft zijn overgave gevonden. Ieder op zijn tijd, schrijft hij geruststellend in zijn boekje. Ik ben op weg en verlang ernaar, ik weet dat ik dat verlang en dat het mijn grootste geluk is. Soms proef ik er een stukje van, van die overgave, meestal ben ik nog in verwarring en zwerf ik rond in de illusie dat mijn geluk te vinden is buiten mezelf.

De wereld die mij verleid het geluk buiten mezelf te zoeken, bijvoorbeeld in het fenomeen ‘vakantie’. Dan is er wel de ruimte die ik normaal niet heb en dan is er die wonderschone plek waar ik helemaal gelukkig ben. Daar leef ik ieder jaar weer naar toe, daar werk ik het hele jaar hard voor. Het is het beeld dat we collectief staande houden en waar ook ik vaak onbewust last van heb. Sterker nog; ik doe er zelf aan mee. Wat schreef ik namelijk deze week op mijn Facebook-pagina inclusief aantrekkelijke foto?
Eergisteren teruggekomen van 12 dagen Italië en Zwitserland. We hadden een huisje vlakbij Chiavari, een paar kilometer van de Middelandse zee. Elke dag een vast ritme, opstaan rond 8, 9 uur, zelf deed ik een ochtendmeditatie en zwom een paar baantjes in het aanwezige zwembad, 10 uur ontbijten, daarna ging de rest zwemmen, rond 2 uur lunch, soms een dutje en dan een ijsje eten bij een vaste ijstent in Chiavari en naar het strand. Om 19 uur weer thuis, koken, 20 uur eten, nog wat tafelvoetballen met Bo. Lezen, thee drinken en rond middernacht naar bed.

Zo verleid ik mensen het beeld te scheppen dat die Tom het wel goed voor elkaar heeft. Die man is gelukkig met zijn vakantie daar ver weg. Had ik dat maar!Het is de halve waarheid van een werkelijkheid die pas compleet wordt als ik er het volgende aan toevoeg.Dat ik veel stress heb gevoeld van de reis er naar toe. Een vette ruzie kreeg met Gebi onderweg tijdens het rijden. Ik me een aantal dagen ontheemd heb gevoeld vanwege het verlaten van mijn vertrouwde plek en de grote afstand daar vandaan. Dat de plek echt een Italiaanse situatie was, waarbij het appartement maar half was schoongemaakt. We zijn een dag bezig geweest om het ons eigen te maken, de geur van kattenpis te verwijderen en de keukenkastjes schoon te maken. De kasten vielen half uit elkaar en ik heb zelf de rieten afscheiding opgehangen omdat die half naar beneden was gekomen. Het appartement was onderdeel van een groot huis met verschillende appartementen, waar meer gasten waren, maar ook de eigenaar van het complex met zijn gezin woonde. Het was niet duidelijk wat nu privé was of van de gasten en het was duidelijk dat de kinderen van de eigenaar daar last van hadden. Toen een van onze kinderen in een grote berg zand aan het spelen was, vernielden ze daarna het hele bouwwerk en verstopten Bo’s sandalen in het zand. Daar kwamen we twee dagen later achter, toen Gebi zich opeens afvroeg waar zijn sandalen gebleven waren. Het complex was nog niet af, dus liepen we eigenlijk voortdurend door een werkplaats met allerlei afval en materiaal voor de nog te bouwen appartementen.

Ziedaar de werkelijkheid die aan de buitenkant nooit volmaakt is, ook al doen we nog zo ons best die illusie omhoog te houden. Zo vaak proberen we, ikzelf inclusief, naar buiten het beeld van volmaaktheid op te houden. Terwijl het een illusie is. Pas als ik mezelf toesta onvolmaakt te zijn, dan komt de liefde me te hulp. Dan maakt de liefde mij volmaakt. Er is geen andere weg. Het komt mij voor dat dit de belangrijkste les is die ik, maar misschien wel wij als mens te leren hebben. Maar blijkbaar ook de moeilijkste. En we zitten allemaal in hetzelfde schuitje, want hoezeer we het ook proberen te verbergen, ieder mens heeft zijn portie onvolmaaktheid. Het is de paradoxale waarheid. Pas als ik onvolmaakt durf te zijn, maakt de liefde mij volmaakt. Pas als ik mij afhankelijk maak van die liefde, ben ik onafhankelijk. Het is mijn trots die moet buigen, de trots van mijn ego, die de illusie van volmaaktheid in stand houdt.

Volmaakt is een ander woord voor niet af. Blijkbaar is in ieder geval deze materiële aandachtslaag niet volmaakt geschapen. Er ontbreekt een stukje. Maar misschien ontbreekt dat stukje alleen maar als we deze aandachtslaag als de volledige werkelijkheid beschouwen. Als we niet verder kijken dan onze neus lang is. Als we beginnen te beseffen dat er meer is en als we beginnen te leren vanuit liefde naar onvolmaaktheid te kijken, blijkt de werkelijkheid opeens wel volmaakt te zijn, volledig, een. Misschien is dat precies de reden voor die onvolmaaktheid, zodat wij als mens er met liefde naar leren kijken en daardoor dat ontbrekende stukje compleet maken. En die les krijgen we ieder moment van de dag weer aangereikt. Kijk maar naar degene die je het meeste irriteert of het hardste kwetst.

Toch ben ik nog steeds bang dat mijn onvolmaaktheid wordt afgekeurd en kan ik niet geloven dat ik word liefgehad in mijn onvolmaaktheid. En dat is niet gek. Ik ben zo gewend aan het collectieve patroon dat fouten worden afgestraft. Om een groot oordeel te hebben over elkaars niet volmaakt zijn. Eigenlijk zit je dan met een dubbele klem. Ten eerste de onvolmaaktheid, die ons als mens in deze aandachtslaag eigen is en dan nog het oordeel erover. Kom daar maar eens bij als liefde. Onze groei begint toch echt bij het aanvaarden van onze onvolmaaktheid, niet af zijn. Hoe zouden we anders kunnen groeien?

In Zwitserland vertelde een vriend een mooi, waar gebeurd verhaal. Het gaat over een gehandicapt meisje van 16, ze was een dwerg, niet groter dan mijn dochtertje van 7. Ze was zeer begaafd, sprak 4 talen vloeiend en had nog meer kwaliteiten die haar zeer geschikt maakte voor verschillende vacatures waar ze op solliciteerde. Toch werd ze nergens aangenomen. Een van haar leraren gaf haar toen de volgende wijze raad; vertel in je sollicitaties dat je een dwerg bent, verberg het niet langer. Ze volgde zijn raad op en het resultaat was dat ze een week later een baan had.

Het verhaal raakte mijn grote verlangen om in mijn licht en kracht te gaan staan en hoe dat te doen. Want in mijn kracht gaan staan betekent dat ik mijn grootste handicap inclusief maak. Dat ik deze niet langer verberg, maar in het licht zet, ermee voor de dag kom. O, wat ben ik daar bang voor om mijn grootste handicap, mijn onvolmaaktheid te laten zien. Het is echt alsof ik sterf, alsof ik word afgemaakt. Toch is dit precies het punt waar ik naar toe wordt gebracht, bijna buiten mijn wil om. Met als doel om bij die overgave te komen waar Anol Berg over schrijft; die verbinding met de geliefde. Het punt waar ik gelukkig ben. Me beschermd en geliefd voel.

De integratie van dat innerlijk punt vraagt overgave en ik word telkens, ook de afgelopen vakantie door mijn angst, mijn benauwdheid, mijn wanhoop, mijn niet weten, bij dat punt van overgave gebracht. Het lijkt alsof ik bij tijd en wijlen bij mijn strot wordt gepakt en naar die overgave wordt geleid. Het is alsof ik me dan, met mijn rug tegen de muur, pas open, om hulp vraag of een vraag stel. Zo koppig is mijn persoonlijkheid.

Ik krijg dan eigenlijk altijd een antwoord. In de vorm van een beeld, een woord, een gevoel. Ik zie dan mijn persoonlijkheid, hoe bang en onzeker deze is. Beschadigd, gekwetst, niet gezien. Boos is als het niet gaat zoals-ie wil, uitgeput, overspannen. En een liefdevolle zin die opkomt; je hoeft het ook niet alleen te doen. En: ik hoef zelfs helemaal niets te doen. Dat wat in mij zoekt en verlangt en dat wat naar mij zoekt en verlangt zijn dezelfde. Ze komen beiden uit dezelfde bron, zijn één en zoeken de vereniging. Soms kan ik dat zo voelen. Het is zoals Anol Berg schrijft: Ik ben jou, en met jouw Al ontspan je mij. Geliefden in verstrengeling, in liefdes genot tijdloos. Het is voor mij een grote zegen dat ik dit herken als de meest waardevolle betekenis van mijn leven.

Gastenboek

Wilt u reageren? Onderaan iedere blog heeft u hiertoe de mogelijkheid.
Daarnaast kunt u een email sturen naar: tomribbens@mac.com